Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2024:4378

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
18 juli 2024
Publicatiedatum
18 juli 2024
Zaaknummer
C/13/742775 / HA RK 23-372 eind
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:299 BWArt. 2:289 BWArt. 288 RvVerordening (EU) nr. 269/2014Verordening (EU) nr. 833/2014
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming bestuurder stichting ondanks sanctielijstgerelateerde omstandigheden

De rechtbank Amsterdam behandelde een verzoek tot benoeming van een bestuurder in Stichting [belanghebbende], die geen rechtsgeldig bestuur had. De zaak speelde tegen de achtergrond van sanctielijstvermeldingen vanwege de oorlog tussen Rusland en Oekraïne.

De rechtbank verwees naar een eerdere tussenbeschikking waarin ABH UKRAINE LTD werd gevraagd informatie te verkrijgen over sanctiebeperkingen jegens ABH Holdings S.A. Het Nederlandse Ministerie van Financiën bevestigde na navraag bij Luxemburg dat ABHH niet onder sancties viel, waarbij Luxemburgse autoriteiten bevoegd zijn over de sanctiestatus.

De rechtbank concludeerde dat de EU-verordeningen 269/2014 en 833/2014 de benoeming van een bestuurder niet verhinderen. ABH werd erkend als belanghebbende vanwege haar rol als geldlener van een aan de Stichting gelieerde besloten vennootschap.

Omdat de Stichting geen bestuur had en benoeming via de statuten niet mogelijk was, werd [naam] benoemd tot bestuurder. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en zal na kracht van gewijsde worden ingeschreven in het daarvoor bestemde register.

Uitkomst: De rechtbank benoemt een bestuurder in de stichting en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht
zaaknummer / rekestnummer: C/13/742775 / HA RK 23-372
Beschikking van 18 juli 2024
in de zaak van
de vennootschap naar buitenlands recht
ABH UKRAINE LTD,
gevestigd te Nicosia (Cyprus),
verzoekster,
advocaat mr. E.F. Kraaijeveld LLM te Amsterdam
en
de stichting
STICHTING [belanghebbende],
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
belanghebbende.
Verzoekster wordt hierna ABH genoemd, belanghebbende ook wel de Stichting.

1.Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de tussenbeschikking van de rechtbank van 2 mei 2024;
  • het e-mailbericht van mr. Eliëns van 26 juni 2024, kantoorgenoot van mr. Kraaijeveld;
  • het e-mailbericht van mr. Eliëns van 3 juli 2024;
  • het e-mailbericht met bijlage van mr. Eliëns van 8 juli 2024.
1.1.
Beschikking is bepaald op heden. ABH is van de beschikkingsdatum op de hoogte gesteld.

2.De verdere beoordeling

2.1
Voor de feiten, het verzoek en de hieraan voorafgaande beoordeling wordt verwezen naar de tussenbeschikking van 2 mei 2024. In die tussenbeschikking heeft de rechtbank ABH verzocht een verzoek om informatie in te dienen bij het Ministerie van Financiën over de vraag of ABH Holdings S.A. gevestigd te Luxemburg (hierna: ABHH), gezien de in de tussenbeschikking weergegeven omstandigheden, wordt beschouwd als doelwit van sanctiebeperkingen. Bij brief van 8 juli 2024 heeft het Ministerie van Financiën mr. Kraaijeveld bericht dat het ministerie in Nederland navraag heeft gedaan bij het Ministerie van Financiën in Luxemburg. Het ministerie in Luxemburg heeft laten weten dat de conclusie dat ABHH niet onder de sancties valt nog steeds geldt. Het Ministerie van Financiën bericht verder dat, gezien de vestigingsplaats van ABHH, het aan de autoriteiten in Luxemburg is om uitspraken te doen over de sanctiestatus van ABHH en dat het in Nederland hierover verder geen uitspraken doet.
2.1.
Gezien het voorgaande komt de rechtbank tot de conclusie dat de in de tussenbeschikking van 2 mei 2024 genoemde verordeningen Verordening (EU) nr. 269/2014 van de Raad van 17 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen (hierna: de Verordening 269/2014) en Verordening (EU) nr. 833/2014 van de Raad van 31 juli 2014 betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van de acties van Rusland die de situatie in Oekraïne destabiliseren (hierna: de Verordening 833/2014) niet in de weg staan aan benoeming van een bestuurder van de Stichting op grond van artikel 2:299 van Pro het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW).
2.2.
ABH heeft genoegzaam toegelicht dat zij als geldlener van [bedrijf] (een besloten vennootschap waarvan de aandelen worden gehouden door de Stichting) is aan te merken als belanghebbende.
2.3.
Omdat de Stichting geen (rechtsgeldig) bestuur heeft en omdat op dit moment ook niet overeenkomstig de statuten in de benoeming van een bestuur, anders dan via de rechtbank, kan worden voorzien, zal de rechtbank tot de benoeming van [naam] tot bestuurder overgaan.
2.4.
De rechtbank ziet aanleiding om deze beschikking op grond van artikel 288 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
benoemt:
[naam] ,
wonende te [woonplaats] (Duitsland),
aan de [adres 1] ,
tot bestuurder van
de stichting
Stichting [belanghebbende] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
aan de [adres 2] ,
3.2.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,
3.3.
gelast de griffier, nadat de beslissing in kracht van gewijsde is gegaan, deze in te schrijven in het in artikel 2:289 BW Pro genoemde register.
Deze beschikking is gegeven door mr. L. Voetelink, mr. S.P. Pompe en mr. Q.R.M. Falger, bijgestaan door H.A. Huisman, en in het openbaar uitgesproken op 18 juli 2024.