ECLI:NL:RBAMS:2024:490
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek exclusief gebruik gezamenlijke huurwoning wegens onvoldoende onhoudbaarheid gezamenlijke bewoning
Eiseres en gedaagde, voormalig partners en beiden huurder van een sociale huurwoning, leven sinds beëindiging van hun relatie op gespannen voet. Eiseres vordert exclusief gebruik van de woning en verzoekt gedaagde te verplichten deze te verlaten, vanwege vermeende agressie, overlast door roken en blowen, en medische klachten.
Gedaagde betwist de beschuldigingen en stelt dat gezamenlijke bewoning mogelijk blijft, mede omdat zij beiden een eigen slaapkamer hebben en gemeenschappelijke ruimtes kunnen delen. Hulpverleners verklaren, maar hun verklaringen zijn gebaseerd op door eiseres verstrekte informatie en niet op eigen waarneming.
De voorzieningenrechter oordeelt dat eiseres onvoldoende onderbouwt dat haar veiligheid in het geding is en dat de gezamenlijke bewoning op dit moment niet onhoudbaar is. Wel wordt geadviseerd dat partijen in overleg met hulpverlening afspraken maken over de termijn waarop de woning wordt verlaten, waarbij het initiatief bij gedaagde ligt vanwege de inschrijving van eiseres bij Woningnet.
De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Verzoek tot exclusief gebruik van de gezamenlijke huurwoning wordt afgewezen wegens onvoldoende onhoudbaarheid gezamenlijke bewoning.