Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[eiseres 1] B.V.,
[eiseres 2] B.V.,
[eiseres 3] B.V.,
[eiseres 4] B.V,
[eiseres 5] B.V.,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Rechtbank Amsterdam
De zaak betreft een geschil tussen de [eiseressen], aandeelhouders van [bedrijf] N.V., en SG, een vermogensbeheerder, over de nakoming van een koopovereenkomst. Partijen sloten in oktober 2023 een overeenkomst waarbij SG de aandelen van [bedrijf] zou overnemen, met de mogelijkheid om de overdracht via een juridische fusie te effectueren. SG koos voor deze fusie, maar stelde de uitvoering uit, wat leidde tot een kort geding.
De [eiseressen] vorderden dat SG binnen zes weken de juridische fusie tot stand brengt, omdat zij hun verplichtingen uit de overeenkomst zijn nagekomen en de uitstel door SG onredelijk is. SG verweerde zich met onder meer het niet-succesvol verlopen van de migratie van het klantenbestand, het vertrek van belangrijke managers en de noodzaak tot due diligence, en stelde dat de termijn tot 31 december 2024 loopt.
De rechtbank oordeelde dat de juridische fusie zo spoedig mogelijk moet plaatsvinden, maar uiterlijk op 31 december 2024. De migratieproblemen en het vertrek van managers rechtvaardigen geen uitstel. SG heeft ruim voldoende tijd gehad en moet de fusie binnen tien weken effectueren. De gevorderde dwangsom wordt gematigd en gemaximeerd. SG wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: SG is veroordeeld om binnen tien weken een juridische fusie tot stand te brengen onder dwangsom.