ECLI:NL:RBAMS:2024:5343

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
30 augustus 2024
Publicatiedatum
29 augustus 2024
Zaaknummer
142911134542
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Proceskostenveroordeling
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling wegens onnodig aanhangig maken van tweede civiele procedure

Eiser heeft tegen gedaagde twee civiele procedures lopen met dezelfde vordering. Tijdens de mondelinge behandeling gaf eiser aan bereid te zijn één van de vorderingen in te trekken, zonder voorkeur welke. De kantonrechter besloot de eerste ingediende zaak inhoudelijk te behandelen en de vordering in de tweede zaak te verminderen tot nihil. Hierdoor blijft in deze tweede procedure alleen de beoordeling van de proceskosten over.

De kantonrechter oordeelt dat eiser onnodig de tweede procedure is gestart, wat leidt tot een proceskostenveroordeling. De proceskosten van gedaagde worden begroot op €678, bestaande uit het salaris van de gemachtigde en nakosten, exclusief de kosten van betekening.

Eiser wordt veroordeeld deze kosten binnen veertien dagen te voldoen, vermeerderd met kosten van betekening indien niet tijdig betaald. De kostenveroordeling is uitvoerbaar bij voorraad. Het vonnis is gewezen door rechter N. Versteeg en op 30 augustus 2024 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Eiser wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van gedaagde van €678.

Uitspraak

RECHTBANKAMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 142911134542 \ CV EXPL 24-6090
Vonnis van 30 augustus 2024 (bij vervroeging)
in de zaak van
[eiser],
te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: A.P.M. Meijer,
tegen
[gedaagde],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. W.F. Wienen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 13 mei 2024, met producties,
- de rolmededeling van de kantonrechter van 5 juli 2024, met als bijlage het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 28 juni 2024 in de zaak die tussen partijen onder zaaknummer 10923122 \ CV EXPL 24-1429 (hierna: 24-1429) aanhangig is,
- de rolmededeling van de kantonrechter van 19 juli 2024, waarbij is bepaald dat de conclusie van antwoord in de zaak 24-1429 ook als conclusie van antwoord in deze zaak zal worden aangemerkt en dat in beide zaken gelijktijdig een mondelinge behandeling zal worden gehouden,
- de conclusie van antwoord van 26 april 2024 in zaak 24-1429,
- het proces verbaal van de mondelinge behandeling in beide zaken van 22 augustus 2024.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Het geschil en de beoordeling

2.1.
[eiser] heeft al eerder een zaak met dezelfde vordering tegen [gedaagde] bij deze rechtbank aanhangig gemaakt. Deze procedure is bij de rechtbank bekend onder zaaknummer 24-1429. [eiser] heeft tijdens de mondelinge behandeling van 22 augustus 2022 aangegeven dat zijn vordering in één van beide zaken kan worden ingetrokken, waarbij het hem niet uitmaakt in welke van de twee zaken dit gebeurt. Het komt de kantonrechter het meest geraden voor de zaak die als eerste aanhangig is gemaakt inhoudelijk te behandelen en het zo te begrijpen dat [eiser] zijn vordering in deze tweede zaak vermindert tot nihil. Dat betekent dat in deze tweede zaak alleen over de proceskosten wordt geoordeeld.
2.2.
[eiser] heeft deze zaak onnodig aanhangig gemaakt. [eiser] moet daarom de proceskosten van [gedaagde] betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
543
(1 punt × € 543)
- nakosten
135
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
678

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 678, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.2.
verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door N. Versteeg en in het openbaar uitgesproken op
30 augustus 2024 (bij vervroeging).