Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure in beide zaken
2.Samenvatting van de zaken en de beslissingen van de rechtbank
3.De vorderingen
4.Feiten
best practicesbij overstroming van een riool in een ziekenhuis gericht op het voorkomen van herhaling en zo ja, wat houden deze in?
best practicemaatregelen zijn getroffen. Er zijn alsnog meerdere ontstoppingsstukken gemaakt, dus op sommige plekken kun je er nu bij. Ik heb niet gezien dat systematisch is achterhaald wat de oorzaak van de verstoppingen was, dus de tweede
best practice. Het derde punt heb ik ook niet gezien. Ik weet niet of bij de reiniging het hele rioolstelsel is gereinigd. In ieder geval zijn de ontluchtingsleidingen gereinigd en ik denk later ook een deel van het riool. Als het riool zo vies is geworden als in dit geval, dan is het belangrijk dat al het vuil eruit is. Anders kan de verstopping sneller terugkomen, doordat er nieuw vuil achter het eerdere vuil blijft haken. Het riool heeft als het ware een geheugen. Dat er weer water doorheen komt is niet genoeg. Ik kan niet zeggen of in dit geval eerder of anders had moeten worden gehandeld, want dat is niet aan mij. Het had gekund. Als dat was gebeurd, bijvoorbeeld met een alarmeringsysteem voor waterhoogte, was er veel ellende voorkomen. Als men eerder had achterhaald wat de oorzaak van de verstoppingen was, dan was het aantal verstoppingen niet zo hoog opgelopen, maar ik kan niet achterhalen welke kennis men op eerdere momenten had en of er aanleiding was voor actie. Ook weet ik niet wanneer inzicht is gekomen in de oorzaak van de ontstoppingen. Ik kan dus niet zeggen of er eerder of anders had moeten worden gehandeld. Ook niet of het riool eerder algeheel had moeten worden gereinigd.
5.De beoordeling
De deskundigen hebben gerapporteerd dat 13,7% van de storingen gerelateerd was aan gebruikersfouten en hebben verwezen naar de prijsopgaven van Pharmafilter voor reparaties van de Tonto’s na gebruikersfouten. Daaruit blijkt dat een aanzienlijk aantal gebruikersfouten is opgetreden. Dat Pharmafilter mogelijk ook in een aantal gevallen ten onrechte heeft gesteld dat sprake was van een gebruikersfout, neemt niet weg dat er in een aantal andere gevallen zonder twijfel wel sprake was van gebruikersfouten, zoals de deskundigen rapporteren.
uitbraakvan de bacterie is geen direct gevolg van de tekortkomingen aan de riolering, omdat vastgesteld is dat de eerste patiënt in het ZMC waarbij de bacterie is vastgesteld de bacterie elders heeft opgelopen. Wel is er verband tussen de verstoppingen en de verdere verspreiding van de bacterie. Door de tekortkomingen van de riolering en onvoldoende schoonmaken bleef er Tonto-pulp achter in de riolering en dat heeft volgens de deskundigen ertoe geleid dat de bacterie zich beter kon verspreiden in de biofilm van de riolering, wat heeft bijgedragen aan de verdere verspreiding van de bacterie in het ziekenhuis en de voortdurende besmetting van telkens andere patiënten. En daarmee aan het voortduren van de bacterie-uitbraak. De overstromingen als gevolg van de verstoppingen hebben eveneens bijgedragen aan de besmetting van het ziekenhuis. De rechtbank oordeelt dat er dus causaal verband (in de zin van conditio sine qua non-verband) bestaat tussen de gebreken aan de riolering en de (schade als gevolg van) verstoppingen en in het verlengde daarvan de (schade als gevolg van) verspreiding van de bacterie.
- Onbetaalde facturen van de waterzuiveringsinstallatie en de Tonto’s (i en ii),
- Niet-gefactureerde maar al wel verschuldigde periodieke vergoedingen (iii),
- Schadevergoeding voor misgelopen toekomstige beheervergoedingen voor de Tonto’s (iv),
- Toekomstige periodieke vergoedingen voor de waterzuiveringsinstallatie (v) en
- Opslagkosten en ZMC te verplichten de Tonto’s op te halen (vi t/m xi).
- Pharmafilter tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst met ZMC,
- de (juiste) nakoming blijvend onmogelijk is of dat Pharmafilter in verzuim is en
- ZMC een schriftelijke ontbindingsverklaring aan Pharmafilter heeft gestuurd.
“Een rechtsvordering tot ontbinding van een overeenkomst op grond van een tekortkoming in de nakoming daarvan of tot herstel van een tekortkoming verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de schuldeiser met de tekortkoming bekend is geworden en in ieder geval twintig jaren nadat de tekortkoming is ontstaan.”De verjaringstermijn is dus niet twee maar vijf jaar en de ontbindingsverklaring is in dit geval dus binnen de verjaringstermijn uitgebracht. Het beroep op verjaring is ongegrond.
- het afval in bijlage 2 bij de overeenkomst kan feitelijk niet door de Tonto,
- Pharmafilter heeft onjuiste informatie verstrekt over de aansluiteisen van de Tonto’s,
- de Tonto’s voldoen niet aan de veiligheidseisen en de WIP-richtlijnen,
- het grijswatersysteem biedt onvoldoende veiligheid voor een ziekenhuis,
- de Tonto’s waren te storingsgevoelig,
- Pharmafilter heeft ten onrechte gezegd dat de waterzuiveringsinstallatie niet zonder aanzienlijke investeringen kon worden uitgeschakeld terwijl dat wel kon.
mogelijkheidom een verrekeningsverweer te passeren als de gegrondheid ervan niet eenvoudig is vast te stellen. De rechtbank ziet in deze procedure aanleiding om, alhoewel de gegrondheid inderdaad niet eenvoudig is vast te stellen en de vordering in conventie niet wordt behandeld omdat het geding in conventie is geschorst, het verrekeningsverweer wel te behandelen voor zover het over de aansprakelijkheid voor de schade als gevolg van de verstoppingen en de verdere verspreiding van de bacterie gaat. De procedure is immers gestart met de (inmiddels geschorste) vordering van ZMC tegen Pharmafilter op dit punt. Zonder die vordering was er geen reconventionele vordering van Pharmafilter geweest. Bovendien zijn de deskundigen in dit kader uitgebreid bevraagd en hebben partijen en de rechtbank veel tijd en aandacht besteed aan de vraag naar de aansprakelijkheid voor deze schades. Voor zover het verrekeningsverweer gebaseerd is op de tekortkomingen die ZMC heeft aangevoerd, anders dan de hiervoor door de rechtbank als tekortkoming beoordeelde gedragingen van Pharmafilter, zal de rechtbank dat verweer niet behandelen, op grond van artikel 6:136 BW Pro.
aansprakelijkjegens ZMC voor de totale schade van ZMC. Omdat echter de procedure van ZMC tegen Pharmafilter geschorst is, kan geen hoofdelijke
veroordelingplaatsvinden, want in dit geding kan nu alleen BAM veroordeeld worden.
Artikel 6:101 BW Pro geeft als uitgangspunt dat de schade over de benadeelde en de aansprakelijke wordt verdeeld in evenredigheid met de mate waarin de aan ieder toe te rekenen omstandigheden tot de schade hebben bijgedragen. De toepassing van die maatstaf gaat dus over de toerekening; in hoeverre hebben de gedragingen van BAM respectievelijk Pharmafilter enerzijds en de gedragingen van ZMC anderzijds bijgedragen aan het ontstaan van de schade. Hierbij gaat het niet om verwijtbaarheid. Dat komt daarna aan de orde bij de vraag of op de verdeling van de schade een billijkheidscorrectie moet plaatsvinden. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst en de mate van verwijtbaarheid van de over en weer gemaakte fouten en met de andere omstandigheden van het geval.
De rechtbank wijst daarbij met het oog op de insolventie van Pharmafilter op de regeling in artikel 6:102 lid 2 en Pro 6:13 BW.
Tot zover dit voorlopig oordeel, dat ten overvloede wordt gegeven met het oog op een mogelijke schikking tussen partijen. Indien het komt tot schadestaatprocedures kan hierover nader partijdebat plaatsvinden.
Andere kosten voor het vaststellen van aansprakelijkheid zijn niet gesteld zodat ZMC bij een verklaring voor recht daarover evenmin belang heeft.