ECLI:NL:RBAMS:2024:5787
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vermindering ontnemingsbedrag wegens onvoldoende draagkracht en bijzondere persoonlijke omstandigheden
De rechtbank Amsterdam behandelde op 17 september 2024 het verzoek van veroordeelde tot kwijtschelding of vermindering van een ontnemingsmaatregel van €5.694,91 opgelegd bij vonnis van 28 november 2019. Tot 29 augustus 2024 had veroordeelde €1.182,69 betaald, met nog een restant van €4.512,22 openstaand.
Veroordeelde onderbouwde dat hij momenteel onvoldoende draagkracht heeft om het resterende bedrag te voldoen. Hij leeft onder het bijstandsniveau, is mantelzorger voor zijn moeder en heeft een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Ondanks motivatie en begeleiding is het vinden van betaald werk op korte termijn niet realistisch. Het CJIB bevestigde de betalingsregeling en adviseerde gedeeltelijke toewijzing van het verzoek.
De rechtbank concludeerde dat de bijzondere persoonlijke omstandigheden en de beperkte verwachting van toekomstige draagkracht een volledige betaling op korte termijn onmogelijk maken. Daarom werd het ontnemingsbedrag gehalveerd tot €2.847,46, met een resterend te betalen bedrag van €1.664,77. Het verzoek werd daarmee gedeeltelijk toegewezen.
Uitkomst: Het ontnemingsbedrag wordt gehalveerd tot €2.847,46, met een restant van €1.664,77 te betalen.