Uitspraak
Beschikking van 27 september 2024
[verzoeker] ,
DE STICHTING GEESTELIJKE GEZONDHEIDSZORG
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
(..) GGZ (..) is van mening dat de voortgang van het werk ernstig wordt belemmerd. Ten grondslag aan deze beslissing liggen de volgende feiten:
Verzoek, tegenverzoek en verweer
Beoordeling
ik heb aangegeven dat ik hier nog op terug zal komen’ ; verzoek 18 maart: ‘
ik ben ermee bezig’) en reageerde vervolgens helemaal niet meer. Toen [verzoeker] op 21 maart 2024 op het werk verscheen zonder direct zelf contact op te nemen met [naam 7] was dit voor GGZ naar het oordeel van de kantonrechter voldoende aanleiding om [verzoeker] tijdelijk op non-actief te stellen, teneinde de gang van zaken rond het incident van 8 maart 2024 en de signalen daarna met [verzoeker] te bespreken. De redenen die zijn uiteengezet in de brief van 21 maart 2024 rechtvaardigen die beslissing.
er zal een oplossing moeten worden gevonden voor de in mijn ogen onnodige en onterechte manier waarop ik op non-actief ben gesteld”. De bereidheid tot terugkeer zonder voorwaarden wordt evenmin genoemd in het verslag van het gesprek van de gemachtigde van [verzoeker] bij e-mail van 10 april 2024, terwijl de e-mail van GGZ van 12 april 2024 wel het standpunt van GGZ bevestigt: “
Vanuit u werden twee uitkomsten geboden, een onderzoek en daarna mediation dan wel het beëindigen van de arbeidsovereenkomst”. [verzoeker] reageert hierop in een e-mail van 18 april. Daarin corrigeert zij de weergave van het gesprek niet, hetgeen wel op haar weg had gelegen als die weergave onjuist was. Ook andere aanwijzingen ontbreken dat zij heeft gezegd (of GGZ moet hebben begrepen) dat [verzoeker] zonder onderzoek wilde terugkeren.
Van een ernstig verwijt is geen sprake; niet aan de kant van GGZ, maar ook niet aan die van [verzoeker] . Uiteindelijk is de arbeidsrelatie structureel en onherstelbaar verstoord geraakt.