GVB Exploitatie B.V. heeft een procedure aangespannen tegen gedaagde wegens niet-betaalde abonnementskosten voor een GVB-abonnement. Gedaagde is niet verschenen, waarna verstek is verleend.
De kantonrechter heeft vastgesteld dat GVB geen kosten rekent voor de mogelijkheid om maandelijks achteraf te betalen, waardoor de kredietregels uit Titel 2A Boek 7 BW niet van toepassing zijn. Wel is geoordeeld dat gedaagde niet op de juiste wijze is geïnformeerd over het ontbindingsrecht bij het aangaan van de overeenkomst, wat leidt tot een sanctie van 25% op het deel van de hoofdsom dat betrekking heeft op abonnementskosten.
De sanctie resulteert in een vermindering van €7,50 op de hoofdsom van €30,00, waardoor €229,02 wordt toegewezen. Daarnaast worden wettelijke rente vanaf 23 april 2024 en buitengerechtelijke incassokosten van €40,00 toegewezen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van deze bedragen en de proceskosten van €345,54. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.