ECLI:NL:RBAMS:2024:6766
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Herstelvonnis betreffende opheffing geschorst bevel tot voorlopige hechtenis
De Rechtbank Amsterdam heeft op 8 oktober 2024 een herstelvonnis gewezen naar aanleiding van een eerder vonnis van 2 oktober 2024 in een strafzaak met meerdere parketnummers. In het oorspronkelijke vonnis was op pagina 9 in het dictum ten onrechte vermeld dat het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven. Dit bleek een kennelijke misslag te zijn.
Uit de overwegingen in het vonnis blijkt dat de rechtbank het bevel tot voorlopige hechtenis wilde opheffen met ingang van het moment waarop de duur van de voorlopige hechtenis gelijk zou zijn aan die van het onvoorwaardelijk gedeelte van de opgelegde vrijheidsstraf. Het herstelvonnis corrigeert deze fout in het dictum en bevestigt dat het bevel tot voorlopige hechtenis niet direct wordt opgeheven.
Het herstelvonnis is gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam, bestaande uit voorzitter A.M. Grüschke en rechters M. Nieuwenhuijs en S.J. Mees-Bolle. De griffier was aanwezig maar kon het vonnis niet medeondertekenen.
Uitkomst: De rechtbank herstelt de misslag in het dictum en bevestigt dat het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis niet direct wordt opgeheven.