ECLI:NL:RBAMS:2024:6849
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoek tegen bestuursrechter afgewezen wegens gebrek aan gegronde feiten
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. R. van de Water, bestuursrechter te Amsterdam, vanwege vermeende onpartijdigheid in drie lopende bestuursrechtelijke zaken. Het verzoek bevatte een uitgebreide opsomming van klachten over de rechtbank, Jeugdzorg en andere instanties, maar richtte zich niet specifiek op de rechter zelf.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, waarbij de rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn tenzij het tegendeel aannemelijk wordt gemaakt. Omdat het verzoek geen concrete feiten of omstandigheden bevatte die de onpartijdigheid van de rechter konden aantasten, werd het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast werd vastgesteld dat het wrakingsverzoek lichtvaardig en zonder redelijke grond was ingediend, wat als misbruik van recht werd aangemerkt. Daarom zal een volgend wrakingsverzoek in deze zaken niet in behandeling worden genomen. De mondelinge behandeling van de zaken werd aangehouden en zal op een later moment plaatsvinden.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de bestuursrechter is niet-ontvankelijk verklaard en verdere verzoeken worden niet in behandeling genomen.