ECLI:NL:RBAMS:2024:7002
Rechtbank Amsterdam
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Geen overeenkomst tot betaling fee tussen A Search en Henz over ICT-dienstverlening Tweede Kamer
A Search en Henz zijn in geschil over de vraag of zij een geldige feeovereenkomst hebben gesloten voor de betaling van een vergoeding van €15 per gewerkt uur van een ICT-medewerker die bij de Tweede Kamer werkte. A Search stelde dat Henz de feeovereenkomst had aanvaard en dat zij recht had op betaling zolang de medewerker bij de Tweede Kamer werkzaam was. Henz betwistte dit en stelde dat de vergoeding beperkt was tot één jaar en dat zij niet akkoord was met de voorwaarden van A Search.
De rechtbank oordeelde dat er geen wilsovereenstemming was over de feeovereenkomst, mede omdat Henz expliciet had aangegeven niet akkoord te zijn met de voorwaarden en dat het starten van werkzaamheden bij de Tweede Kamer niet kon worden gezien als aanvaarding van de feeovereenkomst. Ook de subsidiaire stelling van A Search dat er sprake was van een bemiddelingsovereenkomst met recht op een redelijk loon werd verworpen wegens onvoldoende onderbouwing.
In reconventie stelde Henz dat de afspraak tot betaling van de fee vernietigbaar was wegens dwaling, bedrog of misbruik van omstandigheden, maar de rechtbank vond onvoldoende grond voor vernietiging. Beide partijen werden veroordeeld in de proceskosten van de wederpartij.
De rechtbank wees alle vorderingen af en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van A Search en Henz af wegens ontbreken van een geldige feeovereenkomst en veroordeelt hen in elkaars proceskosten.