De zaak betreft een verzoek van de William Schrikker Stichting om de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige te verlengen voor de duur van één jaar. De minderjarige verblijft momenteel in een gezinshuis van Levvel nadat de eerdere opvang bij een pleegoma niet langer mogelijk was. De moeder, belast met het ouderlijk gezag, staat achter het verzoek en werkt mee aan de hulpverlening.
De kinderrechter heeft de stukken bestudeerd en de mondelinge behandeling gevoerd met gesloten deuren. De minderjarige heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om haar mening te geven. De WSS benadrukt dat rust en stabiliteit nog onvoldoende zijn bereikt, mede door wisselende woonplekken en schoolverzuim. De moeder woont op een kamer van Cordaan en werkt mee aan haar psychiatrische behandeling.
De kinderrechter oordeelt dat nog steeds wordt voldaan aan de wettelijke criteria voor ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing. Er is sprake van een ernstige ontwikkelingsbedreiging die vraagt om voortzetting van de maatregelen. De verlenging wordt toegekend voor één jaar, met het oog op het creëren van rust, stabiliteit en verbetering van de schoolgang en het contact met de moeder. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep kan binnen drie maanden worden ingesteld.