ECLI:NL:RBAMS:2024:7665
Rechtbank Amsterdam
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen verstekvonnis in contractuele vordering Hoist Finance afgewezen
Hoist Finance, een rechtspersoon gevestigd in Zweden, vorderde betaling van een contractuele schuld van gedaagde, woonachtig in Amsterdam. Na een verstekvonnis van maart 2017 kwam gedaagde in mei 2024 tijdig in verzet, stellende dat zij niet op de hoogte was van de procedure en pas door beslaglegging op haar uitkering bekend werd met het vonnis.
De kantonrechter stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd was op grond van de Brussel I-bis Verordening en dat Nederlands recht van toepassing was volgens de Rome I-Verordening. Tijdens de mondelinge behandeling bleek dat Hoist Finance niet langer volhardt in haar vordering en dit al in mei 2024 had besloten.
Gezien de betwisting door gedaagde en het niet volharden van eiseres werd het verstekvonnis vernietigd en de vordering van Hoist Finance alsnog afgewezen. Hoist Finance werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 200,00 aan gedaagde.
Uitkomst: Het verstekvonnis wordt vernietigd en de vordering van Hoist Finance wordt afgewezen.