Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Parketnummers vorderingen tul: 13/194925-22 en 23/002753-21
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
Voorts is de rechtbank van oordeel dat alle drie de herkenningen zeer deugdelijk zijn onderbouwd, zowel op het punt van de elementen van herkenning, waarbij ook zeer specifieke onderscheidende persoonskenmerken zijn beschreven, alsook ten aanzien van de reden en mate van bekendheid met verdachte. De drie verbalisanten, en met name [naam verbalisant 1] en [naam verbalisant 2] , kennen verdachte goed en hebben hem alle drie zeer kort voor of net na het incident met [slachtoffer] nog gezien.
5.De bewezenverklaring en het bewijs
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
9.Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordeling
13-194925-22, betreffende het onherroepelijk geworden vonnis d.d. 13 september 2022 van de politierechter in deze rechtbank, waarbij verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 5 maanden, met bevel dat van deze straf een gedeelte, groot 3 maanden niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat veroordeelde zich voor het einde van een op 2 jaren bepaalde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
23-002753-21, betreffende het onherroepelijk geworden arrest d.d. 12 mei 2022 van het Gerechtshof Amsterdam, waarbij verdachte onder meer is veroordeeld tot jeugddetentie voor de duur van 120 dagen, met bevel dat deze straf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat veroordeelde zich voor het einde van een op 2 jaren bepaalde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
13-194925-22verzocht het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering nu de tenuitvoerlegging van dit betreffende voorwaardelijk strafdeel reeds is toegewezen in een andere zaak. Met betrekking tot de vordering in de zaak met parketnummer
23-002753-21heeft de officier van justitie aangevoerd dat uit het recente detentieoverzicht blijkt dat er in die zaak reeds een deel van de voorwaardelijk opgelegde straf is ten uitvoer gelegd, maar dat er nog een voorwaardelijk strafdeel bestaande uit 69 dagen vrijheidsstraf openstaat. Verzocht wordt ten aanzien van dat restant de tenuitvoerlegging te bevelen.
13-194925-22 –indien de rechtbank niet vrijspreekt – omdat de tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafdeel reeds in een andere zaak is toegewezen.
23-002753-21– conform de vordering van de officier van justitie
–de tenuitvoerlegging te gelasten van het restant van de openstaande vrijheidsstraf van 69 dagen.
13-194925-22het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaren nu is gebleken dat de tenuitvoerlegging van dit voorwaardelijk strafdeel reeds is toegewezen in een andere zaak en verdachte dit strafdeel al heeft uitgezeten.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
twaalf (12) maanden.
23-002753-21 de tenuitvoerleggingvan de
het restant(te weten 69 dagen) van de
openstaande voorwaardelijk opgelegde vrijheidsstraf.
de vordering tot tenuitvoerleggingin de zaak met parketnummer
13-194925-22.