Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2024:8220

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
10 december 2024
Publicatiedatum
30 december 2024
Zaaknummer
C/13/760670 / HA RK 24-434
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na uitspraak voorzieningenrechter

Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. R.A. Dudok van Heel, voorzieningenrechter te Amsterdam, nadat deze rechter op 21 november 2024 een einduitspraak had gedaan in haar civiele zaken. Het verzoek tot wraking werd ingediend op 28 november 2024, nadat de zaken al waren afgedaan.

Volgens artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter alleen worden gewraakt indien de rechterlijke onpartijdigheid in het geding is en het verzoek moet worden gericht tegen een rechter die de zaak nog in behandeling heeft. Omdat de rechter de zaak reeds had afgesloten, was het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk.

De rechtbank heeft daarom het wrakingsverzoek zonder mondelinge behandeling afgewezen. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk. De beslissing werd genomen door de Wrakingskamer van de Rechtbank Amsterdam op 10 december 2024.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de einduitspraak van de voorzieningenrechter is ingediend.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Wrakingskamer

Beslissing op het op 29 november 2024 ingekomen en onder zaaknummer C/13/760670 / HA RK 24/434 ingevoerde verzoek tot wraking van:

[verzoekster] ,

wonende te [woonplaats] ,
verzoekster,
(advocaat mr. S. Klootwijk te Breda)
welk verzoek strekt tot wraking van mr. R.A. Dudok van Heel, voorzieningenrechter te Amsterdam, hierna: de rechter.

Verloop van de procedure

1. De rechtbank heeft kennisgenomen van de navolgende processtukken:
 e-mailberichten van verzoekster van 28 en 29 november 2024 met daarin opgenomen het wrakingsverzoek;
 een vonnis in kortgeding van de rechter van 21 november 2024.

De feiten

2. Verzoekster is als gedaagde betrokken geweest bij een procedure bij deze rechtbank (Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel) met zaaknummers / rolnummers: C/13/755060 KG ZA 24-706 en C/13/756223 /KG ZA 24-757. Met het vonnis van
21 november 2024 zijn de zaken afgedaan.

De beoordeling

3.1.
Op grond van artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.2.
Een verzoek tot wraking is geen hoger beroep en kan alleen gericht zijn tegen een rechter die een zaak in behandeling heeft. Nu de rechter op 21 november 2024 einduitspraak heeft gedaan, en het verzoek tot wraking van 28 november 2028 dateert, zijn de zaken van verzoekster niet meer in behandeling bij de rechter. Het onderhavige wrakingsverzoek is daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Een mondelinge behandeling kan achterwege blijven.
Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.

BESLISSING

De Wrakingskamer verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek.
Aldus gegeven door mrs. P.B. Martens, voorzitter en N.C.H. Blankevoort en A.W.J. Ros, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 december 2024 in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.