Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2025:10459

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
19 december 2025
Publicatiedatum
23 december 2025
Zaaknummer
C/13/778569 / KG ZA 25-920
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Terugbetaling lening en rente door gedaagden na verstekvonnis in kort geding

Terob Investments N.V., een rechtspersoon naar buitenlands recht gevestigd te Curaçao, vordert in kort geding de terugbetaling van een lening en achterstallige rente van gedaagden, waaronder Charmea Holding B.V. te Amsterdam. De gedaagden zijn niet verschenen, waarna verstek is verleend.

De voorzieningenrechter oordeelt dat de Nederlandse rechter bevoegd is en dat Nederlands recht van toepassing is. De gevorderde betaling van € 875.000 aan hoofdsom en € 125.625 aan achterstallige rente per 31 oktober 2025, vermeerderd met contractuele rente vanaf 1 november 2025, is gegrond. Tevens worden de proceskosten van Terob, begroot op € 11.596,16, aan gedaagden opgelegd.

De veroordeling wordt hoofdelijk uitgesproken, zodat iedere gedaagde het volledige bedrag kan worden gevorderd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Hiermee wordt de vordering van Terob volledig toegewezen en worden gedaagden verplicht tot betaling binnen de gestelde termijnen.

Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van € 875.000 hoofdsom, € 125.625 achterstallige rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/778569 / KG ZA 25-920 NB/EvK
Vonnis in kort geding van 19 december 2025
in de zaak van
de rechtspersoon naar buitenlands recht
TEROB INVESTMENTS N.V.,
te Curaçao,
eisende partij bij dagvaarding van 20 november 2025,
hierna te noemen: Terob,
advocaat: mr. S.H.J. Kramer,
tegen

1.CHARMEA HOLDING B.V.,

te Amsterdam,
2.
[gedaagde 2],
te ‘ [plaats] ,
gedaagde partijen,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding op 19 december 2025 heeft mr. Kramer de in kopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding toegelicht. Vervolgens is verzocht vonnis te wijzen. Tegen de niet verschenen gedaagden is verstek verleend.

2.De beoordeling

2.1.
De Nederlandse rechter is bevoegd en het Nederlands recht zal worden toegepast.
2.2.
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.
2.3.
Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Terob worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
123,16
- griffierecht
10.188,00
- salaris advocaat
1.107,00
- nakosten
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
11.596,16
2.4.
De veroordeling wordt hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter
3.1.
veroordeelt gedaagden hoofdelijk om binnen 7 dagen na de datum van dit vonnis aan Terob te betalen een bedrag van € 875.000 aan verschuldigde hoofdsom en € 125.625 aan achterstallige rente (per 31 oktober 2025), per 1 november 2025 te vermeerderen met de contractuele rente, in overeenstemming met artikel 1.2 van de Leningsovereenkomst, tot de dag van volledige betaling,
3.2.
veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 11.596,16, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als gedaagden niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.H. van Kolfschooten, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 19 december 2025. [1]

Voetnoten

1.type: EvK