Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[betrokkene]
officier van justitie(verder: verweerder) ten aanzien van betrokkene, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971.
CJIB-nummer: [nummer]
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
“Ik zag dat de bestuurder tijdens het rijden een mobiele telefoon met de rechterhand vasthield. Ik zag namelijk dat de bestuurder het toestel vast hield.. Bij de staandehouding zag ik dat het een Apple iPhone zwart van kleur. De bestuurder gaf gelijk aan dat hij tijdens het rijden altijd zijn telefoon vast had. Betrof die ik herkende als het apparaat dat de bestuurder rijdend heeft vastgehouden”.
“Ik had hem gewoon in mijn hand maar verder niks”.
“Het is degene die een voertuig bestuurt verboden tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat dat gebruikt kan worden voor communicatie of informatieverwerking vast te houden. Onder een mobiel elektronisch apparaat wordt in elk geval verstaan een mobiele telefoon, een tabletcomputer of een mediaspeler.”
Ten aanzien van de redelijke termijn van berechting:
Ten aanzien van de proceskostenvergoeding:
BESLISSING
binnen zes wekenna de hierboven vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen indien de als gevolg van deze beslissing te betalen administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt. Het beroepschrift dient schriftelijk (niet per e-mail) te worden ingediend bij rechtbank Amsterdam, afdeling privaatrecht, team kanton, postbus 70515, 1007 KM, Amsterdam en dient door degene die het beroep instelt of een gemachtigde te worden ondertekend. De procedure bij het gerechtshof verloopt schriftelijk,
tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling wordt gevraagd.