ECLI:NL:RBAMS:2025:10762
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen handelsrechter wegens gebrek aan gegronde wrakingsgrond
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. A.C.J. Klaver, handelsrechter te Amsterdam, omdat de rechter weigerde toe te staan dat een niet in Nederland ingeschreven advocaat pleitte namens verzoeker. Verzoeker stelde dat dit een schending was van het recht op rechtsbijstand zoals gegarandeerd in artikel 6 EVRM Pro.
De rechtbank heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 36 Rv Pro en het arrest van de Hoge Raad van 25 september 2018 (ECLI:NL:HR:2018:1413), waarin is bepaald dat een rechterlijke beslissing op zich geen grond voor wraking kan zijn. De rechtbank concludeerde dat het wrakingsverzoek kennelijk ongegrond was omdat het bezwaar betrekking had op een rechterlijke beslissing.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat het wrakingsverzoek lichtvaardig was ingediend en derhalve sprake was van misbruik van recht. Daarom zal een volgend wrakingsverzoek in deze zaak niet in behandeling worden genomen. De beslissing is uitgesproken door de wrakingskamer van de rechtbank Amsterdam op 4 december 2025 en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde wrakingsgrond en misbruik van recht.