ECLI:NL:RBAMS:2025:10930

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
30 december 2025
Publicatiedatum
22 januari 2026
Zaaknummer
C/13/780924 / FA RK 25/9958
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:1 WvggzArt. 7:7 WvggzArt. 7:8 WvggzArt. 1:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot verlenging crisismaatregel op grond van Wvggz wegens verbetering betrokkene

De rechtbank Amsterdam behandelde op 30 december 2025 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene.

Betrokkene was opgenomen vanwege een manische episode. Tijdens de zitting bleek dat betrokkene het goed maakt, instemt met de voorgestelde behandeling en dat er een behandelplan is opgesteld in overleg met de psychiater, de zus en de coach. De psychiater gaf aan dat voortzetting van de crisismaatregel niet meer nodig is.

De advocaat van betrokkene verzocht de rechtbank het verzoek af te wijzen. De rechtbank oordeelde dat de behandeling in het vrijwillig kader kan worden voortgezet en wees het verzoek tot verlenging van de crisismaatregel af.

De beschikking werd mondeling gegeven op 30 december 2025 en schriftelijk uitgewerkt op 13 januari 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: Verzoek tot verlenging van de crisismaatregel wordt afgewezen omdat betrokkene voldoende is hersteld en vrijwillige behandeling mogelijk is.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/780924 / FA RK 25/9958
kenmerk: VCM/IND/189176
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking van 30 december 2025van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1986 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] ,
verblijvende te [verblijfplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. R.G.J. van Ommeren te Amsterdam,
zorgaanbieder: GGZ inGeest.

1.Procesverloop

Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 24 december 2025, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 23 december 2025 opgelegde crisismaatregel.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 30 december 2025 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de raadsman;
- dhr. O.M. den Held, psychiater;
- mw. [naam] , coach van betrokkene.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
Op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro, in samenhang met artikel 7:8 Wvggz Pro, kan de rechter op verzoek van de officier van justitie een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verlenen indien de burgemeester ten aanzien van betrokkene op grond van artikel 7:1 Wvggz Pro een crisismaatregel heeft genomen.
2.2.
Gelet op artikel 7:1, eerste lid, Wvggz kan deze machtiging slechts worden verleend indien er onmiddellijk dreigend nadeel is, er een ernstig vermoeden bestaat dat het gedrag van betrokkene als gevolg van een psychische stoornis dit dreigend nadeel veroorzaakt, en met de crisismaatregel dit nadeel kan worden weggenomen. Daarbij dient de crisissituatie dermate ernstig te zijn dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht en moet sprake zijn van verzet tegen de zorg als bedoeld in artikel 1:4 Wvggz Pro.
2.3.
Ten tijde van de opname van betrokkene was sprake van op een manische episode.
2.4.
Op de zitting is gebleken dat het goed gaat met betrokkene en dat zij het eens is met de voorgestelde behandeling. De psychiater heeft daarbij aangegeven dat er een gesprek is geweest met de zus van betrokkene en de coach en dat er een plan is gemaakt. Er is vertrouwen dat betrokkene zich aan de afspraken zal houden. Er zijn nog wel verbeterpunten maar een voortzetting van de crisismaatregel is niet meer nodig, aldus de psychiater op de zitting.
2.5.
De advocaat heeft verzocht het verzoek af te wijzen.
2.6.
De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot het oordeel dat de behandeling in het vrijwillig kader kan worden voortgezet. Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel zal dan ook worden afgewezen.

3.Beslissing

De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is op 30 december 2025 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. C.C.M. Oude Hengel, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 13 januari 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.