ECLI:NL:RBAMS:2025:10931

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
30 december 2025
Publicatiedatum
22 januari 2026
Zaaknummer
C/13/780137 / FA RK 25/9522
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor betrokkene met schizo-affectieve stoornis en verstandelijke beperking

De rechtbank Amsterdam behandelde op 30 december 2025 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, geboren in 1973 in Ghana. Betrokkene lijdt aan een schizo-affectieve stoornis van het bipolaire type, een verstandelijke beperking, impulscontroleproblematiek, cannabisabusus en niet-aangeboren hersenletsel.

De stoornissen leiden tot ernstig nadeel, waaronder levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Er is geen passende vrijwillige zorg mogelijk, waardoor verplichte zorg noodzakelijk is. De rechtbank acht diverse vormen van verplichte zorg noodzakelijk, zoals medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht, en opname in een accommodatie.

De advocaat van betrokkene verzocht primair afwijzing, subsidiair beperking van de machtiging tot zes maanden, met het oog op het vinden van een geschikte langdurige woonplek. De psychiater bevestigde dat gezocht wordt naar een vervolgplek, waarbij financiering een knelpunt vormt. De rechtbank volgt dit standpunt en beperkt de machtiging tot zes maanden, met een evaluatie daarna. Tevens worden mentoren en een directeur van de zorgaanbieder bij de volgende zitting betrokken.

De rechtbank concludeert dat aan de wettelijke criteria voor verplichte zorg is voldaan en verleent de zorgmachtiging tot uiterlijk 30 juni 2026. Het meer of anders verzochte wordt afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met diverse verplichte zorgmaatregelen vanwege ernstig nadeel en gebrek aan vrijwillige zorg.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/780137 / FA RK 25/9522
kenmerk: ZM/IND/185150
Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking van 30 december 2025van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1973 te [geboorteplaats] (Ghana),
ingeschreven te [adres] ,
verblijvende te [verblijfplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. A.S. Kamphuis te Alkmaar,
zorgaanbieder: Arkin.

1.Procesverloop

1.1.
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 10 december 2025.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 30 december 2025 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de raadsvrouw;
- dhr. R. Bloemen, psychiater.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van een schizo-affectieve stoornis van het bipolaire type, een verstandelijke beperking (disharmonisch profiel WAIS-IV, VIQ 81, WG 55 en VWS 48) ), impulscontroleproblematiek en cannabis abusus. Er is sprak van niet-aangeboren hersenletsel.
2.2.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in: levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.
2.3.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
2.4.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. Van de in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg, die zijn gebaseerd op het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur, alsmede gelet op hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk voor de duur van zes maanden:
  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam;
  • opnemen in een accommodatie.
2.5.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
2.6.
De advocaat heeft primair afwijzing van het verzoek bepleit, omdat betrokkene geen
zorgmachtiging wil. Subsidiair verzoekt de advocaat om de machtiging net als de voorgaande keer te beperken tot de duur van zes maanden. Er moet een passende plek gevonden worden waar betrokkene voor langere tijd kan blijven. De advocaat merkt op dat het belangrijk is dat duidelijk is wie wat doet en dat betrokkene twee mentoren heeft die daar mogelijk ook een rol in kunnen spelen.
De psychiater heeft ter zitting toegelicht dat hij druk bezig is met het zoeken naar een plek maar dat het vooral gaat om de financiering. Er is wel een pad uitgestippeld maar het is afwachten hoe dit gaat verlopen. Dat pad is gericht op de diagnose niet aangeboren hersenletsel bij betrokkene. Hopelijk komt er binnenkort duidelijkheid over de vervolgplek. Er is overleg op directieniveau over de situatie van betrokkene. De psychiater kan zich erin vinden de zorgmachtiging te beperken tot 6 maanden zodat er over zes maanden weer een zitting is met een evaluatiemoment.
De rechtbank is met de advocaat en de psychiater van oordeel dat het belangrijk is dat de rechtbank de vinger aan de pols houdt. Het vinden van een geschikte vervolgplek voor betrokkene duurt te lang. De rechtbank zal daarom de zorgmachtiging in duur beperken tot zes maanden.
De rechtbank zal voor de volgende mondelinge behandeling ook de twee mentoren oproepen om de rechtbank te informeren over de situatie van betrokkene en wat zij als mentoren doen en kunnen doen.De rechtbank verzoekt Arkin om eveneens een directeur van Arkin, die zich bezighoudt met de situatie van betrokkene, te laten aansluiten bij de volgende mondelinge behandeling om de rechtbank voor te lichten over de stappen die Arkin onderneemt om een geschikte vervolgplek te vinden.
2.7.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de duur van zes maanden.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] 1973 te [geboorteplaats] (Ghana), inhoudende dat
gedurende de looptijd van de machtigingbij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.4 genoemde maatregelen kunnen worden getroffen;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 30 juni 2026.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is op 30 december 2025 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. C.C.M. Oude Hengel, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 13 januari 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.