ECLI:NL:RBAMS:2025:2229
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing ontruiming na buitengerechtelijke ontbinding huurovereenkomst wegens burgemeestersluiting woning
Grouwels huurde sinds februari 2021 een woning aan een adres aan [adres] aan [gedaagde]. Na een politie-inval in december 2024 waarbij handelshoeveelheden drugs, contant geld en een airsoft apparaat werden aangetroffen, besloot de burgemeester de woning voor drie maanden te sluiten op 3 februari 2025. Grouwels ontbond daarop op 7 februari 2025 de huurovereenkomst buitengerechtelijk en vorderde ontruiming van de woning.
De kantonrechter oordeelt dat er sprake is van een spoedeisend belang voor Grouwels en dat de buitengerechtelijke ontbinding op grond van artikel 7:231 lid 2 BW Pro terecht is, aangezien de woning door de burgemeester is gesloten wegens ernstige verstoring van de openbare orde conform artikel 13b lid 1 Opiumwet. De ontruiming wordt als evenredig beoordeeld, waarbij de stellingen van [gedaagde] en diens familie dat hij niets met de drugs te maken zou hebben niet aannemelijk zijn.
De gevorderde ontruimingstermijn wordt vastgesteld op veertien dagen na heropening van de woning, waardoor ontruiming uiterlijk op 18 mei 2025 moet plaatsvinden. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen omdat Grouwels de ontruiming ook via de deurwaarder kan afdwingen. [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De ontruiming van de woning wordt toegewezen met een termijn van veertien dagen na heropening, zonder dwangsom.