De rechtbank Amsterdam heeft op 1 april 2025 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die wordt beschuldigd van het bezit van 34 kinderpornografische video's op zijn Google Drive-account. De videos bevatten seksuele gedragingen met minderjarigen, voornamelijk jongens tussen 8 en 16 jaar. De rechtbank acht bewezen dat verdachte deze video's in bezit had op 12 juli 2022.
Het bewijs bestond uit een melding van Google, een beoordeling door een gecertificeerd zedenrechercheur en verklaringen van verdachte over het gebruik en de toegang tot het Google Drive-account. Verdachte ontkende kennis van het materiaal, maar dit werd onvoldoende geacht om de bewezenverklaring te ontkrachten. Andere tenlastegelegde gedragingen werden niet bewezen verklaard.
De rechtbank weegt de ernst van het feit, waarbij het bezit van kinderporno wordt gezien als bijzonder verwerpelijk vanwege de schadelijke impact op de afgebeelde kinderen. Verdachte heeft geen strafblad en toont bereidheid mee te werken aan reclassering en behandeling. De redelijke termijn is met vier maanden overschreden, wat in de strafmaat is meegenomen.
De opgelegde straf bestaat uit een gevangenisstraf van 180 dagen waarvan 179 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden zoals meldplicht, behandeling en het vermijden van kinderporno. Daarnaast is een taakstraf van 240 uur opgelegd met vervangende hechtenis bij niet-naleving. De bijzondere voorwaarden omvatten ook digitale controles en toezicht door de reclassering.