ECLI:NL:RBAMS:2025:2453
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift tegen weigering proces-verbaal rechter-commissaris over contact AIRS
De zaak betreft een bezwaarschrift van de verdachte tegen de rechter-commissaris die weigerde een proces-verbaal op te maken over haar contact met de Afdeling Internationale Rechtshulp (AIRS) in verband met het horen van getuigen die zich in Rusland en Wit-Rusland bevinden. De verdachte wordt verdacht van het betalen van steekpenningen en het vervalsen van geschriften.
Eerder had de rechter-commissaris besloten dat getuigen uit Rusland en Wit-Rusland niet op aanvaardbare termijn gehoord kunnen worden vanwege stillegging van rechtshulp met deze landen. De verdediging wilde nadere informatie over het contact met AIRS, maar dit werd geweigerd. De verdediging stelde dat dit recht op een eerlijk proces raakt en dat de weigering onterecht is.
De rechtbank oordeelt dat de weigering van de rechter-commissaris niet ziet op een onderzoekshandeling zelf, maar op de wijze van uitvoering daarvan, en daarom niet vatbaar is voor bezwaar op grond van artikel 182, zesde lid, Sv. De rechtbank verklaart het bezwaarschrift niet-ontvankelijk en komt niet toe aan inhoudelijke beoordeling. De vraag of het recht op een eerlijk proces is gewaarborgd zal in de einduitspraak worden beantwoord.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen de weigering van de rechter-commissaris om een proces-verbaal op te maken over contact met AIRS is niet-ontvankelijk verklaard.