Uitspraak
1.[gedaagde 1] B.V.,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure in de hoofdzaak en in het incident
2.De beoordeling in het incident
3.De beslissing
donderdag 15 mei 2025,
donderdag 15 mei 2025voor conclusie van antwoord.
Rechtbank Amsterdam
In deze civiele zaak vordert Heineken Nederland B.V. betaling van een deel van een geldlening aan [gedaagde 1] B.V. [gedaagde 2], als enig aandeelhouder en directeur van [gedaagde 1], heeft zich hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor deze lening. In een incident verzoekt [gedaagde 2] toestemming om [gedaagde 1] in vrijwaring op te roepen.
De kantonrechter beoordeelt dat aan de voorwaarden van artikel 210 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering is voldaan en verleent de gevraagde toestemming. Omdat [gedaagde 1] tevens partij is in de hoofdzaak maar niet is verschenen, wordt bepaald dat de vrijwaringsprocedure het verdere verloop van de hoofdzaak niet zal vertragen.
De beslissing over de proceskosten wordt aangehouden. De zaak wordt verwezen naar de rol voor de conclusie van antwoord. Het vonnis is op 17 april 2025 in het openbaar uitgesproken door kantonrechter M. Wouters.
Uitkomst: Toestemming verleend aan aandeelhouder om vennootschap in vrijwaring op te roepen.