De rechtbank Amsterdam heeft op 22 april 2025 de vordering van de officier van justitie toegewezen tot verlenging van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege voor een periode van twee jaren. De terbeschikkingstelling is opgelegd in 2005 na bewezenverklaring van ernstige gewelds- en vrijheidsberovingsdelicten.
De terbeschikkinggestelde is gediagnosticeerd met een persoonlijkheidsstoornis met antisociale en narcistische kenmerken, psychopathie en een stoornis in het gebruik van cannabis. Ondanks meerdere behandelpogingen en het toekennen van de LFPZ-status in 2021, is het recidiverisico onverminderd hoog gebleven. De terbeschikkinggestelde vertoont groepsontwrichtend gedrag en blijft middelen gebruiken, wat het risico op terugval in gewelddadig gedrag verhoogt.
De rechtbank heeft het advies van de instelling en externe gedragsdeskundigen betrokken, waarbij de deskundige ter zitting bevestigde dat er tijd nodig is voor een nieuwe behandelpoging. De verdediging betwistte de LFPZ-status en verzocht om een verlenging van slechts één jaar, maar de rechtbank oordeelde dat gezien de ernst van de stoornissen en het hoge recidiverisico een verlenging van twee jaren noodzakelijk is om de algemene veiligheid te waarborgen.
De beslissing is genomen door een meervoudige kamer en is openbaar uitgesproken. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen veertien dagen na betekening.