Partijen sloten op 2 mei 2022 een koopovereenkomst voor een groot aquarium met toebehoren. Eiser deed een aanbetaling en haalde op 4 mei 2022 een deel van de spullen op, maar kon de rest niet meenemen vanwege gebrek aan ruimte. Eiser maakte twee ophaalafspraken die hij kort voor de datum annuleerde. Verkoper werd op 11 mei 2022 opgenomen in het ziekenhuis en verzocht eiser de spullen uiterlijk in het weekend van 14-15 mei 2022 op te halen. Eiser reageerde nauwelijks en verscheen niet.
Verkoper liet een kennis de aquariumbak buiten het hek zetten, waarbij het glas beschadigde. Later gooide verkoper de sump en overige spullen weg. Eiser vorderde schadevergoeding en ontbinding van de koopovereenkomst wegens tekortkoming van verkoper. Verkoper stelde dat eiser zelf in verzuim was omdat hij niet tijdig de spullen kwam ophalen.
De rechtbank oordeelde dat eiser vanaf 16 mei 2022 in schuldeisersverzuim was en dat de schade en beschadiging niet aan verkoper konden worden toegerekend. Ontbinding van de overeenkomst was daardoor niet mogelijk. Verkoper werd bevrijd van zijn leveringsverplichting en eiser werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.