ECLI:NL:RBAMS:2025:3376
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kinderrechter wegens gebrek aan gegronde wrakingsgrond
Verzoekster, verwerende partij in een lopende civiele procedure, diende een wrakingsverzoek in tegen de kinderrechter die haar zaak behandelde. Het verzoek was gebaseerd op de afwijzing van een uitstelverzoek en de stelling dat verzoekster niet goed op de hoogte was gehouden van de voortgang van de procedure.
De wrakingskamer oordeelde dat een rechterlijke beslissing, zoals de afwijzing van een uitstelverzoek, geen grond tot wraking kan zijn volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad. Daarnaast was de bewering dat verzoekster onvoldoende geïnformeerd was niet onderbouwd en werden geen bijzondere omstandigheden aangevoerd die tot wraking konden leiden.
De wrakingskamer wees het verzoek dan ook af en benadrukte het vermoeden van onpartijdigheid van de rechter. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kinderrechter is afgewezen wegens gebrek aan gegronde wrakingsgrond.