De holdingvennootschappen hebben hun aandelen in Star Apple Holding B.V. verkocht aan Beryllium, waarbij een deel van de koopprijs afhankelijk was van het behalen van financiële doelstellingen (earn-out) in 2022 en 2023. Na de overdracht ontstond een geschil over de betaling van deze earn-out en de informatieverstrekking hierover.
Beryllium vorderde in een incident de oproeping in vrijwaring van de natuurlijke personen achter de holdingvennootschappen, stellende dat deze personen onrechtmatig hebben gehandeld en aansprakelijk zijn wegens misleidende financiële verslaglegging en manipulatie van cijfers. De holdingvennootschappen voerden verweer dat deze verwijten ook in de hoofdzaak kunnen worden aangevoerd en dat Beryllium misbruik van recht maakt met het incident.
De rechtbank oordeelde dat de meeste verwijten inderdaad als verweren in de hoofdzaak kunnen worden aangevoerd en dat Beryllium geen belang heeft bij de vrijwaring. Ook ontbrak een voldoende onderbouwde rechtsverhouding die vrijwaring zou rechtvaardigen. De vordering tot oproeping in vrijwaring werd daarom afgewezen en Beryllium werd veroordeeld in de proceskosten van het incident.