ECLI:NL:RBAMS:2025:4987
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vervangende toestemming voor vakantie minderjarige na weigering pleegoudervoogd
De minderjarige [eiseres], geboren in 2008, wenst van 12 tot en met 20 juli 2025 op vakantie naar Spanje te gaan. Haar pleegoudervoogd, [gedaagde], weigert toestemming te verlenen vanwege zorgen over haar kwetsbaarheid en risicovol gedrag uit het verleden.
Omdat [eiseres] minderjarig is en normaal gesproken vertegenwoordigd moet worden door haar pleegoudervoogd, maar die belangenconflict heeft, verzoekt zij de rechtbank om vervangende toestemming. De rechtbank oordeelt dat het fundamentele recht op toegang tot de rechter prevaleert en doorbreekt de hoofdregel van processuele onbekwaamheid, zodat [eiseres] zelfstandig kan procederen.
De rechtbank weegt mee dat [eiseres] sinds het vertrek uit huis bij de pleegoudervoogd vooruitgang boekt, financieel bijdraagt aan de reis, een betrouwbaar vangnet heeft via haar werkgever en pleegzorgmedewerker, en dat de reis geen onaanvaardbare risico's met zich meebrengt. Daarom wordt de gevorderde vervangende toestemming toegewezen en worden de proceskosten gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank verleent vervangende toestemming aan de minderjarige voor haar vakantie naar Spanje ondanks weigering van de pleegoudervoogd.