Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
.De proceskosten van [eiser] worden begroot op:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
In deze civiele procedure vordert eiser betaling van de helft van de door hem betaalde schadevergoeding van gedaagde, met wie hij samen is veroordeeld voor een gewapende bankoverval in 2014. Hoewel gedaagde niet tot schadevergoeding aan de bank is veroordeeld, oordeelt de kantonrechter dat partijen hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade.
De kantonrechter volgt het onherroepelijke oordeel van het gerechtshof dat beide partijen gezamenlijk de overval hebben gepleegd. Op grond van artikel 6:162 juncto Pro 6:102 BW is sprake van hoofdelijke aansprakelijkheid, waardoor eiser regresrecht heeft op gedaagde voor de helft van de betaalde schadevergoeding.
Gedaagde voerde verweren aan zoals het ne bis in idem-beginsel en rechtszekerheid, maar deze worden verworpen omdat het ne bis in idem-beginsel alleen strafrechtelijk geldt en de civiele procedure een regresvordering betreft. De vordering wordt toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen, wel worden proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de helft van de schadevergoeding plus rente en proceskosten aan eiser.