De rechtbank Amsterdam behandelt een civiele zaak over de vermogensrechtelijke afwikkeling van de beëindigde affectieve relatie tussen partijen die gezamenlijk eigenaar zijn van meerdere onroerende zaken. De kern van het geschil betreft de waardebepaling en verdeling van een woonhuis, een weiland en een appartement.
Partijen zijn overeengekomen dat de waarde van deze onroerende zaken door deskundigen moet worden vastgesteld en dat deze taxaties bindend zullen zijn. De rechtbank benoemt vier onafhankelijke deskundigen voor de taxaties: twee voor het woonhuis, één voor het weiland en één voor het appartement. Daarbij wordt rekening gehouden met omgevingsvergunningproblematiek en bestemmingswijzigingen.
De rechtbank legt de procedurele regels vast omtrent de betaling van voorschotten, samenwerking van partijen met de deskundigen, het verloop van het onderzoek en de rapportage. Na ontvangst van de deskundigenrapporten zal de rechtbank het eindvonnis wijzen zonder verdere conclusies na deskundigenbericht. Alle overige beslissingen worden aangehouden.