ECLI:NL:RBAMS:2025:5948

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
20 augustus 2025
Publicatiedatum
14 augustus 2025
Zaaknummer
C/13/749635 / HA ZA 24-381
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling voorschotten deskundigen in civiele zaak over onroerende zaken

In deze civiele procedure heeft de rechtbank Amsterdam vier deskundigen benoemd voor taxaties van verschillende onroerende zaken. Na het indienen van bezwaren tegen de door drie deskundigen opgegeven voorschotnota's, heeft de rechtbank deze beoordeeld en vastgesteld.

De rechtbank oordeelt dat de door deskundigen Roos en Vlaming gevraagde voorschotten aan de hoge kant zijn, maar erkent dat werkzaamheden van een door de rechtbank benoemde deskundige uitgebreider zijn dan bij een gewone taxatie. De rechtbank heeft daarom de tijdsbesteding en het uurtarief kritisch beoordeeld en de voorschotten voor Roos en Vlaming verlaagd naar een realistische tijdsbesteding.

Voor deskundige Gellicum wordt het opgegeven voorschot als realistisch beoordeeld en ongewijzigd gelaten. Voor deskundige Beukers is geen bezwaar gemaakt, zodat ook dit voorschot ongewijzigd blijft. De rechtbank wijst partijen op hun invloed op de kosten en de mogelijkheid tot het aanvragen van aanvullende voorschotten volgens de Leidraad deskundigen in civiele zaken.

De beslissing omvat de vaststelling van de voorschotten inclusief BTW en houdt verdere beslissingen aan.

Uitkomst: De rechtbank stelt de voorschotten van vier deskundigen vast, waarbij twee voorschotten worden verlaagd en twee ongewijzigd blijven.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht
Zaaknummer: C/13/749635 / HA ZA 24-381
Vonnis van 20 augustus 2025
in de zaak van
[eiser],
te [woonplaats] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [eiser] ,
advocaat: mr. M.C. Schuijt,
tegen
[gedaagde],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
advocaat: mr. R.P. Heeren.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 4 juni 2025, waarin vier deskundigen zijn benoemd,
- het tegen het door drie deskundigen opgegeven voorschot door [gedaagde] gemaakte bezwaar,
- de reactie van [eiser] op dit bezwaar,
- de reactie van de betrokken deskundigen op het bezwaar.

2.De beoordeling

In conventie en in reconventie
2.1.
De rechtbank is met [gedaagde] van oordeel dat de door de deskundigen Roos en Vlaming gevraagde voorschotten aan de hoge kant zijn. [gedaagde] kan echter niet zonder meer worden gevolgd in haar opvatting dat een taxatie door een door de rechtbank benoemde deskundige het zelfde zou moeten kosten als een ‘gewone’ taxatie. Immers worden van de deskundige werkzaamheden verwacht die zich bij een normale taxatie niet voordoen, zoals omschreven in de Leidraad deskundigen in civiele zaken, zoals de gelegenheid om op het concept-rapport commentaar te leveren.
2.2.
De deskundige Roos begroot twee uren voor een verslag van een bespreking met partijen. Partijen mogen bij de bezichtiging van het object allebei aanwezig zijn, dan wel in onderling overleg geen van beide. Als zij aanwezig zijn, mogen zij opmerkingen maken, maar daarvan behoeft geen afzonderlijk verslag te worden gemaakt. De uren voor uitwerken waardering en het opstellen van het concept deskundigenbericht lijken erg ruim begroot, naast de eveneens ruim begrote uren voor recherche en marktanalyse, die immers een groot deel van de onderbouwing van het rapport zullen behelzen. De rechtbank acht een totale tijdsbesteding van 24 uur realistisch en begroot het voorschot daarom op 24 x 255 = € 6.120,- exclusief BTW = € 7.405,20 inclusief BTW.
2.3.
De deskundige Vlaming heeft uren opgenomen voor inspectie + hoorzitting en een verslag van een hoorzitting. Een hoorzitting vindt niet plaats. Ook voor deze taxatie geldt dat als partijen bij de bezichtiging van het object aanwezig zijn, zij opmerkingen kunnen maken, maar daarvan behoeft geen afzonderlijk verslag te worden gemaakt. Verder is naast marktanalyse en referenties, die samen met de inspectie van het object de grondslag voor de taxatie zullen moeten vormen ook nog een aantal uren afzonderlijk begroot voor waardering bedrijfsruimte en waardering herbestemming woning en het opstellen van het concept deskundigenbericht. Deze uren lijken de rechtbank ruim begroot. De rechtbank acht een totale tijdsbesteding van 20 uur realistisch en begroot het voorschot daarom op 20 x 225 = € 4.500,- exclusief BTW = € 5.445,- inclusief BTW.
2.4.
De rechtbank acht het door de deskundige Gellicum opgegeven aantal uren realistisch en zal het gevraagde voorschot niet aanpassen.
2.5.
Tegen de begroting van de deskundige Beukers is geen bezwaar gemaakt.
2.6.
De deskundigen zullen de daadwerkelijk bestede tijd tegen het opgegeven uurtarief moeten declareren. Daarbij geldt dat indien het nu bepaalde voorschot ontoereikend is, de in de Leidraad deskundigen in civiele zaken omschreven procedure gevolgd kan worden voor een aanvullend voorschot, zie nr. 140.
2.7.
Ook wijst de rechtbank partijen erop dat zij invloed hebben op de door de deskundige te maken kosten, die immers mede afhangen van hun eventuele verzoeken en de omvang van hun commentaar op het concept.
2.8.
De voorschotten zullen worden vastgesteld zoals onder de beslissing weergegeven. Alle overige beslissingen zullen worden aangehouden.

3.De beslissing

De rechtbank
in conventie en in reconventie
met betrekking tot het woonhuis
3.1.
bepaalt het voorschot voor de deskundige A. Roos op € 7.405,20 inclusief BTW
en van de deskundige B. Beukers op € 1.512,50 inclusief BTW,
met betrekking tot het weiland3.2. bepaalt het voorschot voor de deskundige A. van Gellicum op € 4.065,60 inclusief BTW,
met betrekking tot het appartement
3.3.
bepaalt het voorschot voor de deskundige E. Vlaming op € 5.445,- inclusief BTW,
3.4.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.C. Jongeneel, rechter, bijgestaan door mr. S.D. Gerick, griffier en in het openbaar uitgesproken op 20 augustus 2025.