Bliss FZE, een onderneming gevestigd in Dubai, vordert inzage in alle inkoopfacturen en additionele kosten die [gedaagde 1] B.V. sinds 2011 in rekening heeft gebracht voor geleverde bloemen. Bliss vermoedt dat zij te hoge bedragen heeft betaald en wil de juistheid van de kostprijs controleren.
[gedaagde 1] verzet zich tegen het verzoek tot inzage, onder meer vanwege de lange periode, vermeende concurrentiegevoeligheid en het ontbreken van concrete betwiste transacties. Tevens verzoekt zij de procedure aan te houden in afwachting van een procedure in Dubai.
De rechtbank oordeelt dat Bliss voldoende belang heeft bij inzage en dat er geen gewichtige redenen zijn die verstrekking van de gevraagde stukken verhinderen. Het verzoek tot aanhouding wordt afgewezen omdat de procedure in Dubai later is gestart dan de hoofdzaak. [gedaagde 1] wordt bevolen de gevraagde stukken als doorzoekbaar bestand te overleggen bij de conclusie van antwoord.
Daarnaast wordt [gedaagde 1] veroordeeld in de proceskosten van Bliss. De zaak wordt op 24 september 2025 voortgezet voor het nemen van de conclusie van antwoord, waarna Bliss zes weken later kan reageren.