Uitspraak
1.De beoordeling
.De proceskosten van [eiser] worden begroot op € 835,50, bestaande uit het griffierecht (€ 90,-), het salaris gemachtigde (2x € 339,-) en de nakosten (€ 67,50).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
Eiser huurt een woning met kelder van de verhuurder Stadgenoot en klaagt over wateroverlast in de kelder door optrekkend grondwater, waardoor de kelder niet bruikbaar is. Eiser vordert een verklaring voor recht dat er sprake is van een gebrek, herstel van het gebrek door waterdicht maken van de kelder, huurprijsverlaging van 10% met terugwerkende kracht en schadevergoeding.
De kantonrechter stelt vast dat er inderdaad sprake is van een gebrek vanwege de wateroverlast in de kelder, maar dat het waterdicht maken van de kelder een kostbare maatregel is (€10.000) en geen garantie biedt op een blijvende oplossing. Bovendien is een deel van de overlast mogelijk veroorzaakt door externe factoren zoals ophoging van de tuin van de buren. Daarom wordt de vordering tot waterdicht maken afgewezen.
Wel wordt een huurkorting van 5% toegekend met terugwerkende kracht vanaf zes maanden voor de dagvaarding, omdat het gebrek zich al langere tijd voordoet. De gevorderde schadevergoeding wordt afgewezen omdat het causale verband met de verhuurder niet is komen vast te staan. De verhuurder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Er is sprake van een gebrek; huurder krijgt 5% huurkorting met terugwerkende kracht, herstel en schadevergoeding worden afgewezen.