ECLI:NL:RBAMS:2025:6006

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
1 augustus 2025
Publicatiedatum
18 augustus 2025
Zaaknummer
11684104 \ CV EXPL 25-6763
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling voor geleverde drinkwater ondanks ontbreken ondertekend contract

Waternet vordert betaling van €973,85 plus rente en kosten van [gedaagde] wegens onbetaald gebruik van drinkwater geleverd aan diens woning. Gedaagde betwist het bestaan van een getekend contract, maar erkent het gebruik van drinkwater en dat hij wist dat dit niet gratis is.

De kantonrechter stelt vast dat ondanks het ontbreken van een ondertekend contract, door het structurele gebruik en eerdere betalingen in 2019 en 2021, een stilzwijgende overeenkomst tot stand is gekomen. De hoogte van de vordering wordt niet betwist en is voldoende onderbouwd.

De rechter veroordeelt [gedaagde] tot betaling van het openstaande bedrag met wettelijke rente vanaf de dagvaarding en tot betaling van de proceskosten van €796,90. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €973,85 met rente en proceskosten aan Waternet.

Uitspraak

RECHTBANKAMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 11684104 \ CV EXPL 25-6763
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 1 augustus 2025
in de zaak van
STICHTING WATERNET,
gevestigd te Amsterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: Waternet,
gemachtigde: Dw H.J. Jansen,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
Bij dagvaarding van 16 april 2025 met producties, heeft Waternet een vordering tegen [gedaagde] ingesteld.
Op 1 augustus 2025 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. De zaak is behandeld door mr. M. van der Kaay, kantonrechter, en mr. M.E. Zwart da Silva Palma als griffier.
Namens Waternet is de gemachtigde verschenen. [gedaagde] is in persoon verschenen.
Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de kantonrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.

1.De beoordeling

1.1.
Waternet heeft een aansluiting voor drinkwater in de woning aan de [adres] en levert via die aansluiting drinkwater aan [gedaagde] . Volgens Waternet betaalt [gedaagde] niet voor het geleverde drinkwater. Waternet vordert daarom dat [gedaagde] € 973,85, met rente, en de kosten van deze procedure betaalt. [gedaagde] betwist dat hij een overeenkomst heeft getekend met Waternet. De kantonrechter oordeelt dat tussen partijen een overeenkomst voor het leveren van drinkwater bestaat en wijst de vordering toe. Dat wordt hierna uitgelegd.
[gedaagde] moet € 973,85 en rente betalen
1.2.
[gedaagde] erkent dat hij gebruik maakt van het door Waternet geleverde drinkwater zonder daarvoor te betalen. Ter zitting is gebleken dat [gedaagde] wist dat de levering van drinkwater niet gratis is. Hij heeft desondanks structureel drinkwater verbruikt en zijn waterverbruik voortgezet nadat hij er door Waternet op is gewezen dat er meerdere facturen niet betaald zijn. Daarnaast heeft [gedaagde] ter zitting erkend dat hij in 2019 en 2021 – naar eigen zeggen per ongeluk – facturen van Waternet heeft betaald, zodat de kantonrechter tot de conclusie komt dat tussen Waternet en [gedaagde] een (stilzwijgende) overeenkomst tot stand is gekomen voor het leveren van drinkwater. Dat [gedaagde] geen contract heeft getekend voor de levering van het drinkwater, zoals [gedaagde] stelt, is daarvoor geen vereiste.
1.3.
[gedaagde] heeft de hoogte van de vordering niet betwist. De vordering van Waternet tot betaling van € 973,85 is voldoende onderbouwd en zal dan ook toegewezen worden. Omdat [gedaagde] de facturen niet (op tijd) betaald heeft, wordt de wettelijke rente – zoals gevorderd – toegewezen vanaf de datum van dagvaarding.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
1.4.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op € 796,90, bestaande uit de kosten van de dagvaarding (€ 119,40), het griffierecht (€ 340,-), het salaris gemachtigde (2 x € 135,-) en de nakosten (€ 67,50).

2.De beslissing

De kantonrechter
2.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Waternet te betalen € 973,85, te verhogen met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf de dag van dagvaarding tot de dag van volledige betaling,
2.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Waternet begroot op € 796,90, eventueel te vermeerderen met de kosten van betekening, te betalen binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis,
2.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. M. van der Kaay, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de kantonrechter.