De werknemer, sinds 2002 in dienst als teamleider technische dienst, werd op staande voet ontslagen wegens vermeend onrechtmatig gedrag rondom een anonieme melding over grensoverschrijdend gedrag van een collega. De kantonrechter oordeelt dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is, mede omdat persoonlijke omstandigheden onvoldoende zijn meegewogen en de dringende reden niet is aangetoond.
Het tegenverzoek van de werkgever tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt wel toegewezen wegens een ernstig verstoorde arbeidsrelatie, die zich uitstrekt over meerdere lagen binnen de organisatie en waarbij herplaatsing niet mogelijk is. De arbeidsovereenkomst eindigt per 1 september 2025.
De werknemer krijgt recht op loon vanaf de datum van het ontslag tot het einde van de arbeidsovereenkomst, met wettelijke verhoging en rente. Tevens wordt een transitievergoeding van €61.435,62 bruto toegekend. Een billijke vergoeding wordt afgewezen omdat er geen ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever is vastgesteld. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.