Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Ibij dit vonnis.
3.Waardering van het bewijs
modus operandi.
modus operandi, van verdachte. De rechtbank weegt de volgende omstandigheden mee:
- Alle aangeefsters hadden tijdens de massage een grotendeels ontbloot lichaam, waarbij zij enkel een onderbroek, slip of string droegen.
- Alle aangeefsters hebben op enig moment op hun buik op de massagetafel gelegen.
- Alle aangeefsters verklaren over het te ver gaan door het masseren van intieme delen, waaronder begrepen de billen, de borsten, de liezen en (rondom) de vagina.
- Alle aangeefsters hadden het gevoel dat er iets niet klopte tijdens de massage, maar twijfelden op enig moment of het niet aan henzelf lag.
- Verdachte is, behalve bij [slachtoffer 2] (zaak B, feit 1), bovenop alle aangeefsters gaan zitten waarbij de aangeefsters het geslachtsdeel van verdachte tegen hun billen hebben gevoeld.
- Verdachte heeft, behalve bij [slachtoffer 2] (zaak B, feit 1), bij alle aangeefsters de handdoek of onderbroek verder omlaag (geprobeerd) te schuiven.
4.Bewezenverklaring
bijlage IIbewezen dat verdachte:
5.Strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen
- een meldplicht bij de reclassering;
- ambulante behandeling; en
- een verbod om werkzaamheden als masseur uit te voeren.
- een meldplicht bij de reclassering; en
- ambulante behandeling.
8.Ten aanzien van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
zaak B onder 1 primairten laste gelegde
niet bewezenen
spreekt verdachte daarvan vrij.
bewezendat verdachte het in
zaak A onder 1, 2 en 3en het in
zaak B onder 1 subsidiair en 2ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in
rubriek 4is vermeld.
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
32 (tweeëndertig) maanden.
6 (zes) maanden, van deze gevangenisstraf
niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij later anders wordt bevolen.
proeftijdvan
2 (twee) jarenvast.
2.Ambulante behandeling
7 (zeven) jaren.
[benadeelde partij 1]toe tot een bedrag van
€ 1.327,- (duizend driehonderdzevenentwintig euro)aan vergoeding van materiële schade en
€ 4.000,- (vierduizend euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade d.d. 16 februari 2025 tot aan de dag van de algehele voldoening.
[benadeelde partij 1]aan de Staat
€ 5.327,- (vijfduizend driehonderdzevenentwintig euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade d.d. 16 februari 2025 tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
61 (eenenzestig) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
€ 2.500,- (tweeduizend vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade d.d. 9 mei 2022 tot aan de dag van de algehele voldoening.
[benadeelde partij 2]aan de Staat
€ 2.500,- (tweeduizend vijfhonderd euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade d.d. 9 mei 2022 tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
35 (vijfendertig) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.