ECLI:NL:RBAMS:2025:7030

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
18 september 2025
Publicatiedatum
23 september 2025
Zaaknummer
C/13/763925 / HA RK 25-38
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om inzage in persoonsgegevens en afwijzing van verzoek tot informatie door Risepoint

In deze zaak heeft de rechtbank Amsterdam op 18 september 2025 uitspraak gedaan in een verzoekschriftprocedure waarin [verzoeker] een verzoek om inzage in zijn persoonsgegevens heeft ingediend tegen Risepoint, een aanbieder van online kansspelen. [verzoeker] heeft in het verleden deelgenomen aan kansspelen via Unibet, dat tot 31 oktober 2024 onderdeel uitmaakte van de Kindred-groep. Hij heeft op 9 juni 2024 een verzoek ingediend om inzage in zijn persoonlijke gegevens, maar na uitblijven van een adequate reactie heeft hij op 7 februari 2025 een verzoekschrift ingediend bij de rechtbank. Risepoint heeft op 7 juli 2025 een overzicht van gegevens verstrekt, maar [verzoeker] stelt dat deze informatie onvolledig en onjuist is. De rechtbank heeft geoordeeld dat het verzoek van [verzoeker] om informatie niet kan worden toegewezen, omdat hij niet heeft aangetoond dat er meer informatie beschikbaar is dan wat Risepoint heeft verstrekt. De rechtbank heeft het verzoek afgewezen, maar Risepoint is wel veroordeeld in de proceskosten van [verzoeker]. De proceskosten zijn begroot op € 509,00, te vermeerderen met wettelijke rente indien niet tijdig betaald.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht
Zaaknummer / rekestnummer: C/13/763925 / HA RK 25-38
Beschikking van 18 september 2025
in de zaak van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats] ,
verzoekende partij,
hierna te noemen: [verzoeker] ,
verschenen in persoon
tegen
de vennootschap naar buitenlands recht
TRANNEL INTERNATIONAL LIMITED,
gevestigd te Sliema (Malta),
verwerende partij,
hierna te noemen: Risepoint,
advocaat: mr. J.G. Reus.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift van 7 februari 2025, met producties,
- het verweerschrift van 7 juli 2025, met producties,
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 14 juli 2025, met de daarin genoemde stukken.
1.2.
De beschikking is bepaald op vandaag.
1.3.
Op 18 augustus 2025 heeft de rechtbank van [verzoeker] nog een brief ontvangen met daarin een “aanvullend verzoek tot verhoging dwangsom”. Dit verzoek zal bij de beoordeling buiten beschouwing worden gelaten omdat het na de mondelinge behandeling is ingediend en Risepoint hierop niet heeft kunnen reageren.

2.De feiten

2.1.
Risepoint is een aanbieder van online kansspelen en maakte tot 31 oktober 2024 onderdeel uit van de Kindred-groep. Kindred Group PLc is het moederbedrijf van de onlinekansspeldienst, bekend onder de naam Unibet en de voormalige moeder van Risepoint. Op 1 oktober 2021 ging Unibet in Nederland ‘op zwart’ omdat zij niet beschikte over een vergunning van de Nederlandse Kansspelautoriteit.
2.2.
[verzoeker] heeft in de periode vóór 1 oktober 2021 deelgenomen aan de kansspelen via Unibet. Hij wil zijn rechtspositie bepalen alvorens in een gerechtelijke procedure de door hem destijds geleden gokverliezen te verhalen.
2.3.
Op 9 juni 2024 heeft [verzoeker] een verzoek ingediend via [e-mailadres] om inzage te krijgen in zijn persoonlijke gegevens. In het verzoek heeft [verzoeker] gevraagd om
“a comprehensive overview of all my deposit transactions since i first registered with Unibet.(…)”.
2.4.
Dezelfde dag heeft de afdeling Customer Support Unibet via een automatisch mailbericht de ontvangst van het verzoek bevestigd.
2.5.
Op 7 februari 2025 heeft [verzoeker] een verzoekschrift ingediend bij de rechtbank, omdat verdere reactie uitbleef.
2.6.
Op 3 juli 2025 heeft de advocaat van Risepoint [verzoeker] gemaild dat zij bereid is om
“een overzicht te geven van al uw stortingen, opnames en, indien van toepassing, teruggedraaide opnames (reversals) op het Unibet platform die Risepoint in haar bezit heeft, inclusief het bedrag, de datum en het tijdstip van de transactie”onder voorwaarde dat hij een geheimhoudingsverklaring zou tekenen. [verzoeker] mocht in dat geval niet met derden delen dat hij transactiegegevens van Risepoint had ontvangen. [verzoeker] is daar niet mee akkoord gegaan.
2.7.
Op 4 juli 2025 heeft [verzoeker] zijn verzoekschrift aangevuld in die zin dat hij de verzochte gegevens heeft uitgebreid.
2.8.
Op 7 juli 2025 heeft Risepoint, via haar advocaat, per e-mail een overzicht verstrekt met de naam
“deposit transactions”over de periode 2013 tot en met 2017.

3.Het verzoek en het verweer

3.1.
[verzoeker] verzoekt de rechtbank om - na wijziging van zijn verzoek -, uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking, Risepoint te veroordelen om:
volledige inzage te verstrekken in alle persoonsgegevens en datasets die op verzoeker van toepassing zijn en door verweerder worden verwerkt, waaronder maar niet beperkt tot transactie- en gokgeschiedenis, inzetpatronen, spelresultaten, speeltijden, marketing- en gedragsdata, interne analyses, en alle andere gegevens die onder artikel 15 AVG vallen, voor de periode 2011-2020, zonder onwettige voorwaarden zoals geheimhouding;
een dwangsom van € 1.000,- per dag te voldoen (met een maximum van
€ 100.000,-) bij niet naleving van het verzoek onder a.;
immateriële schadevergoeding van € 10.000,- te betalen,
plus de kosten van de procedure en de wettelijke rente over de proceskosten.
3.2.
[verzoeker] legt hieraan ten grondslag dat de gegevens die hij van Risepoint heeft ontvangen niet compleet zijn. Zo ontbreekt het overzicht over de jaren 2011, 2012, 2018, 2019 en 2020 en zijn er bijvoorbeeld geen weddenschapsdetails overgelegd. Daarbovenop zijn de gegevens slordig aangeleverd en kloppen deze niet.
3.3.
Risepoint verzet zich tegen toewijzing van het verzoek. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft [verzoeker] zijn verzoek met betrekking tot de immateriële schadevergoeding ingetrokken. Risepoint heeft tijdens de mondelinge behandeling aangegeven dat zij het verweer dat de procedure verkeerd is ingeleid, niet langer handhaaft.
Internationale bevoegdheid
4.2.
Aangezien Risepoint in Malta is gevestigd heeft deze zaak een internationaal karakter. Daarom moet de rechtbank ambtshalve beoordelen of zij bevoegd is. De rechtsmacht van de Nederlandse rechter kan worden gebaseerd op artikel 79 lid 2 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Ingevolge die bepaling kan een procedure tegen een verwerkingsverantwoordelijke of een verwerker ook worden ingesteld bij de gerechten van de lidstaat waar de betrokkene gewoonlijk verblijft, tenzij de verwerkingsverantwoordelijke of de verwerker een overheidsinstantie van een lidstaat is die optreedt in de uitoefening van het overheidsgezag. Dat laatste is hier niet aan de orde. [verzoeker] is woonachtig in [woonplaats] , zodat deze rechtbank bevoegd is.
Omvang van het verzoek
4.3.
[verzoeker] baseert zijn verzoek om informatie op artikel 15 van de AVG dat betrokkene het recht geeft om van een verwerkingsverantwoordelijke te verlangen dat hij hem meedeelt of er persoonsgegevens over hem worden verwerkt en inzage en afgifte te verkrijgen van die gegevens.
4.4.
In het eerste verzoek van 9 juni 2024 (zie hiervoor onder 2.3) heeft [verzoeker] gevraagd om inzage in zijn
“a comprehensive overview of all my deposit transactions since i first registered with Unibet.(…)”. In deze procedure heeft [verzoeker] zijn verzoek uitgebreid en verwoord als hiervoor in 3.1 onder a. De rechtbank overweegt dat er voor deze uitbreiding geen plaats is in deze verzoekschriftprocedure. Artikel 35 van de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming (UAVG) bepaalt dat de belanghebbende (in dit geval: [verzoeker] ) zich tot de rechtbank kan wenden met het schriftelijk verzoek de verwerkingsverantwoordelijke (in dit geval: Risepoint) te bevelen het verzoek als bedoeld in de artikelen 15 tot en met 22 van de verordening alsnog toe of af te wijzen. Hieruit volgt dat het moet gaan om het initiële verzoek zoals ingediend bij Risepoint op 9 juni 2024. Dit betekent dat de rechtbank in de onderhavige zaak het initiële verzoek van [verzoeker] ingediend bij Risepoint op 9 juni 2024 dient te beoordelen en dus niet het gewijzigde/aangevulde verzoek als hiervoor onder 3.1 onder a. Zou dit anders zijn, dan wordt de verwerkingsverantwoordelijke de gelegenheid ontnomen om zich buiten rechte uit te laten over de toewijsbaarheid van het verzoek.
4.5.
De rechtbank zal zich bij de beoordeling dan ook beperken tot het verzoek van 9 juni 2024.
Beoordeling verzoek
4.6.
Risepoint voert aan dat aan het verzoek van [verzoeker] om inzage in
“a comprehensive overview of all my deposit transactions since i first registered with Unibet.(…)”is voldaan door het toesturen van die gegevens op 7 juli 2025. [verzoeker] stelt dat de door Risepoint verstrekte informatie onjuist en onvolledig is.
4.7.
[verzoeker] verzoekt om informatie over de periode 2011 – 2020. De informatie die hij heeft gekregen ziet slechts op de jaren 2013 – 2017. Volgens [verzoeker] moet er ook over de andere jaren informatie beschikbaar zijn. Risepoint heeft verklaard dat zij heeft gezocht op de naam van [verzoeker] en het bij haar bekende e-mailadres. Alle informatie relevant voor het verzoek met betrekking tot die zoekopdrachten, heeft zij overgelegd. Het is mogelijk dat [verzoeker] nog meer accounts heeft gehad, maar Risepoint is daarvan niet op de hoogte, dus kan zij daarvan geen stukken overleggen. Gezien het gemotiveerde verweer van Risepoint had het op de weg van [verzoeker] gelegen om zijn standpunt nader te onderbouwen. Nu hij dat heeft nagelaten, is niet komen vast te staan dat er meer informatie beschikbaar is. Hetzelfde geldt voor de stelling van [verzoeker] dat de verstrekte informatie niet kan kloppen, bijvoorbeeld omdat dit zou betekenen dat hij over die periode ‘slechts’ een verlies van € 30.000 heeft geleden, terwijl het daadwerkelijk geleden verlies veel groter was. Nu [verzoeker] dit niet met stukken nader onderbouwt, gaat de rechtbank hieraan voorbij.
4.8.
De conclusie op grond van het voorgaande is dat [verzoeker] , gezien de voorafgaand aan de mondelinge behandeling door Risepoint verstrekte gegevens, geen belang meer heeft bij toewijzing van zijn verzoek. Het verzoek zal dan ook worden afgewezen.
4.9.
Wel zal Risepoint in de proceskosten van [verzoeker] worden veroordeeld nu zij [verzoeker] pas informatie heeft verstrekt nadat hij het verzoekschrift had ingediend bij de rechtbank. De proceskosten aan de kant van [verzoeker] worden begroot op € 331,00 aan griffierecht en € 178,00 nakosten.
4.10.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5.De beslissing

De rechtbank
5.1.
wijst het verzoek af,
5.2.
veroordeelt Risepoint in de proceskosten van € 509,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als Risepoint niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
veroordeelt Risepoint tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.4.
verklaart de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. L. Voetelink, rechter, bijgestaan door mr. S.C.C. Valk, griffier en in het openbaar uitgesproken op 18 september 2025.