Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.[eiser 1] ,
[eiser 2] ,
Rechtbank Amsterdam
Eisers zijn eigenaar van een registergoed waarop een hypotheekrecht rust ten gunste van [gedaagde] B.V., gevestigd voor een mogelijke lening die nooit is opgenomen. De B.V. is op 30 juni 2024 ontbonden en opgehouden te bestaan, waardoor zij niet meer kan optreden in procedures.
Eisers vorderen waardeloosverklaring van het hypotheekrecht omdat de ontbonden B.V. niet kan meewerken aan doorhaling, wat een obstakel vormt voor herfinanciering van het registergoed. De voorzieningenrechter oordeelt dat eisers voldoende spoedeisend belang hebben en dat de hypotheekrechtelijke inschrijving waardeloos is geworden omdat er geen vordering meer bestaat.
Hoewel eisers niet-ontvankelijk zijn tegen de ontbonden B.V., worden zij als onmiddellijk belanghebbenden erkend en krijgt hun vordering tot waardeloosverklaring alsnog gevolg. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en gaat in kracht van gewijsde omdat eisers afzien van hoger beroep. De proceskosten komen voor eigen rekening.
Uitkomst: De hypothecaire inschrijving wordt waardeloos verklaard, maar eisers zijn niet-ontvankelijk tegen de ontbonden B.V. en dragen hun eigen proceskosten.