Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
5.De beslissing
57170
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
GVB verzocht de kantonrechter om de arbeidsovereenkomst met [verweerder], een werknemer met een verslavingsprobleem, te ontbinden wegens verwijtbaar handelen en een verstoorde arbeidsverhouding. [verweerder] is sinds 2013 in dienst en heeft een veiligheidsfunctie waarvoor hij periodiek gekeurd moet worden. Na een periode van ziekte en behandeling wegens gok- en middelenverslaving, is hij gedeeltelijk en later volledig aan het werk gegaan. GVB stelde dat [verweerder] zijn re-integratieverplichtingen niet nakwam, met name door het niet melden van terugval in middelengebruik, en dat dit verwijtbaar was.
De kantonrechter oordeelde dat de afspraak om terugval te melden geen re-integratieverplichting in de zin van de wet is, maar een veiligheidsafspraak die ook geldt bij volledige arbeidsgeschiktheid. Het opzegverbod bij ziekte werd daardoor niet doorbroken. Tevens kon niet worden vastgesteld dat [verweerder] zich ernstig verwijtbaar had gedragen buiten zijn ziekte om. Ook de gestelde verstoorde arbeidsverhouding hield verband met zijn ziekte. Daarom werd het verzoek tot ontbinding afgewezen.
De kantonrechter veroordeelde GVB in de proceskosten van € 881,50, plus eventuele kosten van betekening, omdat GVB overwegend in het ongelijk werd gesteld. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en op 23 oktober 2025 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen en GVB wordt veroordeeld in de proceskosten.