ECLI:NL:RBAMS:2025:8211
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatie teruggevorderde kinderopvangtoeslag wegens ontbreken vooringenomenheid
Eiseres heeft een aanvraag ingediend tot herbeoordeling van haar recht op kinderopvangtoeslag over de jaren 2009 en 2010, nadat de toeslag door verweerder was teruggevorderd wegens onrechtmatigheid. De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht de aanvraag heeft afgewezen omdat eiseres bewust heeft meegewerkt aan de aanvraag via een derde, ondanks dat zij wist geen recht te hebben op de toeslag.
Eiseres werd benaderd door een derde die haar DiGiD gebruikte om toeslag aan te vragen, terwijl haar kinderen geen gebruik maakten van kinderopvang. Eiseres ontving geldbedragen van deze derde en stopte pas met de toeslag toen zij merkte dat de betalingen stopten. Zij deed aangifte tegen de derde nadat zij ontdekte dat de toeslag niet was stopgezet.
De rechtbank stelt vast dat eiseres niet slachtoffer is van vooringenomen handelen door verweerder en dat het voor haar duidelijk had moeten zijn dat zij geen recht had op de toeslag. Het beroep op de hardheidsclausule wordt verworpen omdat de situatie niet leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de aanvraag tot compensatie wordt afgewezen.