ECLI:NL:RBAMS:2025:8244

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
20 oktober 2025
Publicatiedatum
3 november 2025
Zaaknummer
C/13/777219 / FA RK 25/7942
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel in het kader van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Op 20 oktober 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam een beschikking gegeven in een zaak betreffende de voortzetting van een crisismaatregel voor een betrokkene, geboren in 1992. De officier van justitie had verzocht om verlenging van de crisismaatregel die op 16 oktober 2025 was opgelegd. Tijdens de mondelinge behandeling, die plaatsvond in het gebouw van de zorgaanbieder, werd de psychiater gehoord, die het standpunt innam dat de betrokkene wilsbekwaam is, maar dat er ernstige zorgen zijn over zijn suïcidaliteit. De psychiater gaf aan dat de betrokkene PTSS en een persoonlijkheidsstoornis heeft, maar dat deze niet direct het besluit om zichzelf te suïcideren beïnvloeden. De raadsvrouw van de betrokkene pleitte voor het zelfbeschikkingsrecht van haar cliënt en vroeg om afwijzing van het verzoek tot verlenging van de crisismaatregel.

De rechtbank benadrukte het belang van het zelfbeschikkingsrecht, maar stelde ook dat er voldoende redenen zijn om te twijfelen aan de wilsbekwaamheid van de betrokkene, gezien zijn ernstige suïcidaliteit en het gebrek aan informatie over zijn psychiatrische voorgeschiedenis. De rechtbank oordeelde dat er onmiddellijk dreigend ernstig nadeel is, wat levensgevaar voor de betrokkene inhoudt. Daarom werd besloten om de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen, met een geldigheidsduur van drie weken. De beschikking werd mondeling gegeven en op 3 november 2025 schriftelijk uitgewerkt.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/777219 / FA RK 25/7942
kenmerk: VCM/IND/182947
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking van 20 oktober 2025van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene]
,
geboren op [geboortedatum] 1992,
verblijvende te [verblijfplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. N.W.A. Dekens te Amsterdam,
zorgaanbieder: Arkin.

1.Procesverloop

Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 17 oktober 2025, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 16 oktober 2025 opgelegde crisismaatregel.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 20 oktober 2025 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door een telefonisch tolk in de Italiaanse taal;
- de raadsvrouw;
- dhr. [naam] , psychiater.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
De psychiater heeft het standpunt ingenomen dat betrokkene wilsbekwaam is. Hij geeft aan dat betrokkene PTSS heeft en een persoonlijkheidsstoornis, maar die beïnvloeden niet direct het besluit van betrokkene om zichzelf te suïcideren. Omdat betrokkene wilsbekwaam is, ziet de psychiater niet de mogelijkheid om betrokkene te behandelen, nu betrokkene daar niet voor open staat. Betrokkene heeft aangegeven dat hij zich in de kliniek niet zou suïcideren dus de crisismaatregel is om hem hier te houden. Betrokkene heeft aangegeven dat als hij naar buitengaat hij zich alsnog zou suïcideren. Met het oog op de doelmatigheid kan niet het standpunt worden ingenomen om de crisismaatregel te verlengen.
De raadsvrouw geeft aan dat ze de psychiater kan volgen in wat hij zegt. Zij voert aan dat het zelfbeschikkingsrecht van betrokkene zijn goed recht is. Het verzoek is daarom primair om de crisismaatregel niet voort te zetten en subsidiair in duur te beperken tot één week.
De rechtbank overweegt als volgt. Zelfbeschikkingsrecht is heel belangrijk, maar er moet wel zeker zijn dat de dood echt is wat betrokkene wil, alles al is geprobeerd en dat de huidige doodswens niet voortkomt uit een depressieve- of andere psychische stoornis. In dit stadium hoeft nog niet vast te staan dat sprake is van een stoornis, het moet gaan om een vermoeden en dat kan momenteel wel worden onderbouwd, gelet op de ernstige suïcidaliteit van betrokkene en zijn stellige overtuiging dat hij niets of niemand heeft en de dood de enige uitweg is. Dat betrokkene mogelijk wilsbekwaam is, staat toewijzing van de machtiging niet in de weg, nu sprake is van levensgevaar voor betrokkene zelf. De machtiging is op dit moment bovendien doelmatig omdat in de komende weken nader onderzoek naar betrokkene kan plaatsvinden en beoordeeld kan worden of een aansluitende zorgmachtiging noodzakelijk is en op deze wijze wordt voorkomen dat betrokkene zich van het leven berooft. Betrokkene is pas enige dagen in Nederland en er is niks bekend over zijn (psychiatrische) voorgeschiedenis in Italië of de aanwezigheid van een steunsysteem.
2.2.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: levensgevaar.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een depressie en de symptomen en doodswens kan ook passen bij afwijzing bij persoonlijkheidsproblematiek. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
2.3.
De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden:
  • toedienen van vocht en voeding;
  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
  • opnemen in een accommodatie.
2.4.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief
.Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.5.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene]
,
geboren op [geboortedatum] 1992, voor zover het de in rechtsoverweging 2.3 genoemde vormen van verplichte zorg betreft;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 10 november 2025;
Deze beschikking is op 20 oktober 2025 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. E.M. Devis, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 3 november 2025 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.