Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2025:8349

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
30 oktober 2025
Publicatiedatum
5 november 2025
Zaaknummer
C/13/777784 FA/RK 25-8262
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voortzetting crisismaatregel wegens ontbreken stoornis en acuut ernstig nadeel

De rechtbank Amsterdam behandelde op 30 oktober 2025 het verzoek van de officier van justitie tot voortzetting van een crisismaatregel voor betrokkene, geboren in 1991. Betrokkene gaf aan dat hij zich beter voelt, erkent de ernst van de situatie en wil zich laten behandelen voor zijn alcoholverslaving. De arts stelde dat de drugsgeïndiceerde psychose is verdwenen en dat er geen psychiatrische stoornis meer aanwezig is. Hoewel er signalen zijn van problemen in de woongroep bij Cordaan, zijn deze niet ernstig genoeg om de crisismaatregel voort te zetten.

De advocaat van betrokkene concludeerde dat het ontbreken van een stoornis en acuut ernstig nadeel het verzoek tot voortzetting niet rechtvaardigen. De rechtbank volgde dit oordeel en oordeelde dat het toestandsbeeld van betrokkene zodanig is verbeterd dat geen sprake is van een acuut psychiatrisch toestandsbeeld of onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.

Daarom wees de rechtbank het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel af. Tegen deze beschikking staat cassatie open. De beschikking werd mondeling gegeven en op 6 november 2025 schriftelijk vastgelegd.

Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens het ontbreken van een stoornis en acuut ernstig nadeel.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Familie- en Jeugdrecht
Zaaknummer: C/13/777784 / FA RK 25-8262
Datum uitspraak: 30 oktober 2025
Afwijzing beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 1991 in [geboorteplaats] ,
wonende [adres] ,
verblijvende te [verblijfplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
advocaat mr. C. Stroobach uit Diemen.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 29 oktober 2025.
1.2.
De zitting heeft plaatsgevonden op 30 oktober 2025. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- arts, dhr. [naam] .

2.Standpunten

2.1.
Betrokkene heeft ter zitting meegedeeld dat het goed met hem gaat. Hij is uitgerust en ziet in dat het ernstig is wat er gebeurd is. Betrokkene had echter geen slechte intenties. Drank was de boosdoener. Hij wil graag een behandeling voor zijn alcoholverslaving. Betrokkene denkt wel dat hij terug kan naar Cordaan. Het lijkt hem een goed idee om nog een paar dagen vrijwillig in de kliniek te blijven.
2.2.
De arts heeft ter zitting uiteengezet dat alcohol, lachgasgebruik en slaapgebrek een drugs geïndiceerde psychose bij betrokkene heeft veroorzaakt. Nu is er geen sprake meer van psychotische symptomen. Wel zijn er signalen dat het niet goed gaat met betrokkene in de woongroep van Cordaan. Er zou sprake zijn van incidenten met personeel van Cordaan en er zijn schulden. Een herstelgesprek met Cordaan is een goed idee. Er zijn heftige dingen gebeurd en de begeleiders van Cordaan zijn daarvan geschrokken. Nu er echter geen sprake meer is van een stoornis en er een goed plan ligt om betrokkene weer bij Cordaan te laten terugkeren, kan de arts er mee instemmen dat de behandeling in het vrijwillig kader voortgezet wordt. Dit is ook het moment om goed door te pakken zodat betrokkene geholpen kan worden bij zijn verslaving aan alcohol.
2.3.
De advocaat heeft geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek wegens het ontbreken van een stoornis en het acuut ernstig nadeel. Zij begrijpt dat er problemen zijn bij Cordaan maar die zijn niet zo ernstig en acuut dat het de voortzetting van de crisismaatregel rechtvaardigt. Betrokkene wil zich graag laten behandelen voor zijn alcoholmisbruik. Er zit een uitstroom aan te komen naar een mogelijke andere woonvoorziening die betrokkene graag wil behouden.

3.De beoordeling

3.1.
Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat het toestandsbeeld van betrokkene inmiddels zodanig is verbeterd, dat er thans geen sprake meer is van een acuut psychiatrisch toestandsbeeld en daaruit voortvloeiend onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Dit betekent dat het verzoek zal worden afgewezen.

4.De beslissing

De rechtbank
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 oktober 2025 door mr. L. van der Heijden, rechter, in aanwezigheid van M.E. Langewisch, griffier en op schrift gesteld op 6 november 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.