Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.Waar gaat de zaak over?
2.De procedure
- de dagvaarding van 30 april 2024 met producties,
- de conclusie van antwoord tevens houdende eis in reconventie met producties,
- de conclusie van antwoord in reconventie met producties,
- het tussenvonnis van 20 november 2024, waarin een mondelinge behandeling is bepaald,
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 13 maart 2025 en de daarin genoemde stukken.
3.De vorderingen over en weer
4.De beoordeling van de vorderingen van Vilma (conventie)
- Vilma niet te betrekken bij de verkoop van de werken van [kunstenaar] ,
- niets te doen met de suggesties van Vilma,
- zich niet te houden aan de afgesproken minimumprijs van 75% van de dan geldende marktwaarde en ook niet aan de afspraak dat als de kunstwerken voor een lagere prijs zouden worden verkocht Vilma eerst in de gelegenheid zou worden gesteld tot de koop hiervan over te gaan,
- uiteindelijk slechts 9 van de 10 kunstwerken te verkopen, terwijl de afspraak was om de hele serie ineens te verkopen.
5.De beoordeling van de vorderingen van Lila (reconventie)
in de door Lila gemaakt overzichten en volgens datzelfde formataan te geven welke posten worden erkend, welke deels worden erkend en welke worden betwist. Als er volgens Vilma posten aan de overzichten moeten worden toegevoegd, dan dient zij die op te nemen in de bestaande overzichten, conform diezelfde instructies. Zo nodig kan in een begeleidend schrijven een toelichting worden gegeven op de aangepaste overzichten.
- Welk recht is volgens partijen van toepassing op deze vordering en waarom? Als het voorlopig oordeel onderschreven wordt, kan worden volstaan met een verwijzing daarnaar.
- Als volgens partijen buitenlands recht op deze vordering van toepassing is, waar leidt de toepassing van dit specifieke buitenlands recht dan toe en waarom?
6.De beslissing
)