Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.[eiser 1] ,
2.
[eiser 2],
1.De procedure
2.De feiten
Overige bepalingen
Indien u uw woning overdraagt in verband met de verhuizing naar een ander huis dat u heeft gekocht, kunt u de overeengekomen rentecondities van uw hypothecaire financiering meeverhuizen naar een nieuwe hypothecaire financiering, mits:
Als u binnen zes maanden na algehele aflossing van de geldlening, in geval van verkoop, gevolgd door juridische levering van het registergoed en verhuizing van de debiteur, een geldlening van een Rabobank verkrijgt, tot zekerheid waarvan een ander registergoed dat als uw hoofdverblijf dient of gaat dienen hypothecair voor uw verplichtingen wordt verbonden ten behoeve van die Rabobank, zal die Rabobank de rente die gold voor de afgeloste lening op uw verzoek, eveneens met u overeenkomen en voor de nieuwe geldlening tot maximaal het bedrag van de afgeloste lening op het moment van aflossing en voor de resterende rentevastperiode van de afgeloste geldlening, mits u, het nieuwe registergoed, de financiering en de zekerheden voldoen aan de voorwaarden (zoals uw inkomen en de executiewaarde van de nieuwe woning) die de bank op dat moment voor een dergelijke geldlening stelt.”
3.Het geschil
€ 5.000 per dag, of een door de rechtbank te bepalen bedrag, als Rabobank niet voldoet aan de veroordelingen 7 t/m 10,
4.De beoordeling
Ambtshalve toetsing consumentenrecht
Haviltex-maatstaf. Dit houdt in dat voor de uitleg van de inhoud van een overeenkomst niet alleen de tekst van belang is, maar het ook aankomt op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer aan het overeengekomen mochten toekennen en op hetgeen zij op dat punt redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Omdat [eiser] zich op de gevolgen van de uitleg van de afspraak beroept, ligt bij hem de stelplicht en bewijslast dat aan de Overeenkomst en AV geen toepassing kan worden gegeven omdat een andere afspraak is gemaakt.
€ 900.000,00. [eiser] is het hiermee niet eens. Daarbij speelt mee, zoals [eiser] ook tijdens de zitting heeft gezegd, dat hij zijn woning in [plaats 3] niet wil verkopen omdat hij de huurinkomsten wil behouden.
5.De beslissing
mr. N. Noordmans, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 19 november 2025.