Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Ibij dit vonnis.
Rechtbank Amsterdam
Op 3 juli 2025 vond een ontploffing plaats bij de voordeur van een woning in Amsterdam, waarbij het slachtoffer ernstig letsel opliep en ook psychische klachten ontwikkelde. Verdachte werd beschuldigd van medeplegen van het veroorzaken van deze ontploffing en poging tot zware mishandeling.
De officier van justitie baseerde haar vordering op verklaringen, chatberichten via Snapchat en Instagram, en een financiële transactie van verdachte aan een mogelijke uitvoerder van de explosie. De verdediging betwistte de toerekenbaarheid van de berichten aan verdachte en stelde dat de geldtransacties reguliere vriendschappelijke leningen betroffen.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om vast te stellen dat verdachte de afzender was van de berichten of de opdrachtgever van de explosie. De frequente geldtransacties met de vermeende uitvoerder waren niet overtuigend als bewijs van opdracht. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. De vorderingen van de benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor medeplegen van ontploffing en poging tot zware mishandeling.