ECLI:NL:RBAMS:2025:9492

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
4 december 2025
Publicatiedatum
4 december 2025
Zaaknummer
11479936 \ CV EXPL 25-328
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Licentievergoeding en boete bij te late betaling door Bastion Hotels aan Videma

In deze zaak vordert Stichting Videma betaling van licentievergoedingen van verschillende Bastion Hotels, die deze vergoedingen niet tijdig hebben voldaan. De procedure is gestart na een splitsing van de zaak in individuele vorderingen per gedaagde. De mondelinge behandeling vond plaats op 6 november 2025, waarbij Videma werd vertegenwoordigd door haar directeur en advocaten, en Bastion Hotels door hun directeur en advocaten. Videma stelt dat de Bastion Hotels de factuur voor de licentievergoeding over 2023 niet binnen de gestelde termijn hebben betaald, waardoor zij het bruto tarief verschuldigd zijn in plaats van het netto tarief dat zij hebben betaald. Bastion Hotels betwisten de vordering en voeren aan dat Videma geen procesvolmacht heeft en dat de licentievoorwaarden niet van toepassing zijn. De kantonrechter oordeelt dat de boete voor te late betaling niet in redelijke verhouding staat tot de ernst van de tekortkoming en matigt deze. De kantonrechter wijst de vorderingen van Videma gedeeltelijk toe, waarbij de proceskosten worden gecompenseerd.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Civiel recht
Kantonrechter
Vonnis van 4 december 2025
in de zaak 11479936 \ CV EXPL 25-328:
STICHTING VIDEMA,
gevestigd te Gorinchem ,
eisende partij,
gemachtigde: mr. M.C. Franken-Schoemaker,
tegen
BASTION HOTEL AMSTERDAM NOORD B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
gedaagde partij,
gemachtigde: mr. W.A. Vader,
in de zaak 11729817 \ CV EXPL 25-7867:
STICHTING VIDEMA,
gevestigd te Gorinchem ,
eisende partij,
gemachtigde: mr. M.C. Franken-Schoemaker,
tegen
BASTION HOTEL AMSTERDAM CENTRUM B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
gedaagde partij,
gemachtigde: mr. W.A. Vader,
en in de zaak 11729896 \ CV EXPL 25-7868:
STICHTING VIDEMA,
gevestigd te Gorinchem ,
eisende partij,
gemachtigde: mr. M.C. Franken-Schoemaker,
tegen
BASTION HOTEL WEESP B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
gedaagde partij,
gemachtigde: mr. W.A. Vader,
Eisende partij wordt hierna aangeduid als Videma . Gedaagde partijen worden hierna afzonderlijk aangeduid als respectievelijk Bastion Amsterdam Noord, Bastion Amsterdam Centrum en Bastion Weesp en gezamenlijk als Bastion Hotels.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 20 maart 2025, waarbij is beslist dat het geding wordt gesplitst in individuele zaken per gedaagde, waarna Videma bij akte 31 van de 34 vorderingen heeft ingetrokken,
- het tussenvonnis van 26 juni 2025, waarbij een mondelinge behandeling is gelast,
- de aanvullende producties van Videma ,
- de aanvullende producties van Bastion Hotels.
1.2.
De mondelinge behandeling in de drie zaken heeft gezamenlijk plaatsgevonden op 6 november 2025. Videma is verschenen bij haar directeur [naam 1] , vergezeld door mr. P.J. Kreijger en mr. B.J.A. Boogaarts. Bastion is verschenen bij [naam 2] , directeur hoteloperatie, tevens indirect bestuurder van Bastion Hotels, vergezeld door
mr. W.A. Vader en mr. P.F.M. Elsenburg. Partijen hebben vragen van de kantonrechter beantwoord en hun standpunten nader toegelicht aan de hand van spreekaantekeningen, die aan het procesdossier zijn toegevoegd.
1.3.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Videma is een collectieve beheersorganisatie als bedoeld in de Wet toezicht geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten. Zij oefent in opdracht van rechthebbenden op filmwerken (speelfilms, televisieprogramma's en videoclips) auteursrechten uit met betrekking tot de vertoning van televisieprogramma's en de doorgifte van televisieprogramma's in onder meer recreatiebedrijven, hotels, cafés en zorginstellingen.
2.2.
Bastion Holding is een holdingmaatschappij en maakt onderdeel uit van de Bastion Groep. De Bastion Groep bestaat uit een groep vennootschappen die 34 Bastion hotels exploiteren, waarvan de meeste in Nederland zijn gelegen en één in Duitsland. De exploitatie en het onroerend goed is per hotelvestiging ondergebracht in een aparte vennootschap. Bastion Holding houdt telkens 100% van de aandelen in de afzonderlijke vennootschappen (lees: de afzonderlijke hotels), maar is geen direct bestuurder van de afzonderlijke hotels. Enig aandeelhouder en bestuurder van Bastion Holding is de Doornse Hotelgroep B.V.
2.3.
Door Videma worden ‘
Licentievoorwaarden voor de vertoning van televisieprogramma’s’ gehanteerd (hierna: de licentievoorwaarden). In de licentievoorwaarden staat, voor zover hier van belang:
DEFINITIES
1. In deze Licentievoorwaarden wordt verstaan onder:
(…)
- Licentie: door Videma aan Vertoner verleende toestemming voor Groepsvertoning en/of Doorgifte. De Licentie bestaat in elk geval uit het Bewijs van licentie en deze Licentievoorwaarden.
(…)
- Vertoner: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die krachtens een Licentie toestemming verkrijgt voor Vertoning.
(…)
TOESTEMMING EN PROPORTIONELE BILLIJKE VERGOEDING
2.1
Videma geeft auteursrechtelijke toestemming aan Vertoner voor de duur van de Licentie en onder de hierna volgende voorwaarden (…).
VERGOEDING
4.1
Vertoner is voor de toestemming en ter voldoening van de Proportionele Billijke Vergoeding zoals vermeld in artikel 2 aan Videma een vergoeding verschuldigd als vermeld in het relevante Tariefblad en op de factuur die Videma aan Vertoner verstuurt.
(…)
4.5
Voor de meeste groepen van Vertoners gelden vergoedingsafspraken met een bruto- en netto-vergoeding. (…) De netto-vergoeding is van toepassing bij aanmelding uit eigen beweging of binnen een door Videma gestelde reactietermijn, in combinatie met het (periodiek) betalen van aan Videma verschuldigde Licentievergoedingen binnen de op facturen gestelde vervaltermijnen. In alle andere gevallen is de Vertoner aan Videma de bruto-vergoeding verschuldigd.
FACTURERING EN BETALING
(…)
5.3
Facturen dienen te worden voldaan binnen de op de factuur gestelde vervaltermijn of, bij gebreke daarvan, binnen 30 dagen na factuurdatum.
5.4
Bij niet of niet tijdige betaling van enig uit hoofde van de Licentie verschuldigd bedrag, verkeert Vertoner onmiddellijk in verzuim. Videma is gerechtigd om vanaf de vervaldatum tot de dag van algehele voldoening aan Vertoner de wettelijke handelsrente in rekening te brengen over het openstaande bedrag.
(…)
5.6
Indien een netto-vergoeding als bedoeld in artikel 4.5 in rekening is gebracht en deze vergoeding niet binnen de in artikel 5.3 vermelde termijn wordt voldaan, is Videma gerechtigd om de hoofdsom te vermeerderen met het verschil tussen de in artikel 4.5 bedoelde bruto- en netto-vergoeding. Videma zal dit verschil bij afzonderlijke factuur bij Vertoner in rekening brengen. Op de vermeerdering zijn de artikelen 5.3 en 5.4 van overeenkomstige toepassing.
5.7
Onverminderd het bepaalde in de artikelen 5.4-5.6 (…) is Vertoner verplicht alle kosten die Videma moet maken tot handhaving van haar rechten jegens Vertoner, daaronder begrepen kosten van gerechtelijke en buitengerechtelijke invordering, aan Videma te vergoeden. In geval het een vordering betreft tot invordering van enig door Vertoner uit hoofde van de Licentie verschuldigd bedrag, bedragen de aan Videma verschuldigde buitengerechtelijke incassokosten in elk geval 15% van het te incasseren bedrag met een minimum van € 250.
(…)
OVERDRACHT
9. Het is Vertoner niet toegestaan de uit de Licentie voortvloeiende rechten en verplichtingen op welke wijze dan ook in te brengen in een andere rechtspersoon, vennootschap of maatschap of op welke wijze dan ook aan derden over te dragen of in sublicentie te geven.
2.4.
Bij brief van 5 april 2007 heeft Videma onder meer het volgende aan Bastion Holding, toen nog Bastion Hotelgroep B.V. genaamd, meegedeeld.
Conform uw aanvraag en opgave doen wij u met genoegen voor elk van uw hotels de licentie toekomen, alsmede een verzamelfactuur met voor elk hotel de vergoedingen inclusief de keten- en aanmeldkorting.
2.5.
Op 6 december 2012 is de naam van Bastion Hotelgroep B.V. gewijzigd in Bastion Holding. Daarna is er op enig moment een andere vennootschap opgericht die de naam Bastion Hotelgroep B.V. heeft gekregen en als zodanig in het handelsregister is ingeschreven.
2.6.
In 2013 is het Bastion Hotel Airport geopend. Op 12 september 2013 heeft Videma aan een e-mailadres eindigende op [domeinnaam] een e-mail gestuurd over de door het hotel Bastion Hotel Airport verschuldigde licentievergoeding. In die e-mail staat voor zover hier van belang, het volgende:
De licentie staat op naam van het hotel zelf, aangezien de licentie altijd betrekking heeft op het vertoningsadres. De factuur zullen wij, zoals gebruikelijk versturen t.a.v. Bastion Holding BV (…). De licentie zullen wij ook versturen t.a.v. uw hoofdkantoor.
Hieronder de gegevens van uw nieuwe locatie:
Naam bedrijf
Bastion Hotel Airport B.V.
(…)
(…)
Postadres
Bastion Holding B.V. (t.a.v. De Directie)
Emailadres
(…) [domeinnaam]
KvK nummer /vestigingsnummer
KVK [kvk-nummer]
Vestigingsnr. [nummer]
2.7.
Op 1 augustus 2022 heeft Bastion Hotelgroep aan Videma een bedrag van
€ 165.983,76 aan licentievergoedingen betaald.
2.8.
Op 6 april 2023 heeft Videma aan Bastion Hotels een e-mail gestuurd waarbij was gevoegd een bestand met de op dat moment bekende licentiegegevens en het tarievenblad 2023. Aan Bastion Hotels is gevraagd deze gegevens te controleren en uiterlijk 21 april 2023 te laten weten of de gegevens nog correct zijn.
2.9.
Bij e-mail van 22 mei 2023, van 17:08 uur, heeft de Manager Financiële Administratie van Bastion Hotels aan Videma meegedeeld dat er geen wijzigingen zijn ten opzichte van 2022.
2.10.
In reactie op voormelde e-mail heeft Videma bij e-mail van 22 mei 2023, van 17:08 uur, aan Bastion Hotels meegedeeld dat de factuur zal worden gezonden naar [e-mailadres] .
2.11.
Op 24 mei 2023 heeft Videma aan Bastion Holding een factuur met nummer [factuurnummer] gezonden (hierna: de factuur). De factuur vermeldt een door Bastion Holding aan Videma te betalen bedrag aan licentievergoedingen van € 190.265,14 inclusief btw. De factuur vermeldt verder het volgende:
Let op! Op deze factuur is een voorwaardelijke betalingskorting van€ 78.504,04(excl. btw) in mindering gebracht. Deze korting geldt alleen als het factuurbedrag uiterlijk op22-06-2023volledig is betaald. Zo niet, dan vervalt de betalingskorting en is het bedrag van€ 78.504,04(excl. btw) direct opeisbaar. U ontvangt hiervoor in dat geval een aanvullende factuur.
Daarnaast staat in de toelichting bij de factuur onder meer het volgende:
Aanmeld- en betalingskorting van 33,3%
Op het merendeel van onze tarieven geldt een aanmeld- en betalingskorting van 33,3%. Overeenkomstig de Licentievoorwaarden komt deze korting te vervallen bij niet tijdige betaling van de factuur. Bij het niet op tijd betalen van de factuur zijn wij, naast de vervallen korting, ook genoodzaakt om € 15,- (excl. btw) administratiekosten in rekening te brengen.
2.12.
Op 7 juli 2023 heeft Videma aan Bastion Holding een betalingsherinnering gezonden. Bastion Holding is daarbij een termijn van tien dagen, derhalve tot 17 juli 2023, gegeven om de factuur alsnog te voldoen. In de betalingsherinnering is Bastion Holding er bovendien op gewezen dat indien volledige betaling niet binnen voormelde termijn zou plaatsvinden, dat dan de korting alsnog zou vervallen en direct opeisbaar zou zijn.
2.13.
Op 28 juli 2023 heeft Videma aan Bastion Holding een aanmaning gestuurd waarin Bastion Holding is gesommeerd om voor 5 augustus 2023 een bedrag van in totaal € 285.273,18 aan Videma te voldoen, zijnde de factuur van 24 mei 2023 verhoogd met € 18,15 aan administratiekosten en de vervallen korting ter hoogte van
€ 94.989,89 (€ 78.504,04 plus btw over de vervallen korting).
2.14.
Op 1 augustus 2023 heeft Bastion Holding, maar wel met hetzelfde rekeningnummer als de betaling door Bastion Hotelgroep (zie onder 2.7) een bedrag van € 190.265,14 aan Videma voldaan.
2.15.
Bij e-mail van eveneens 1 augustus 2023 is van de zijde van Bastion Hotels aan Videma meegedeeld dat de factuur van 24 mei 2023 is voldaan en dat er vanuit wordt gegaan dat de zaak daarmee is afgedaan. In reactie daarop heeft Videma bij e-mail van 2 augustus 2023 aan Bastion Hotels meegedeeld dat het niet tijdig betalen van de factuur voor rekening en risico van Bastion Hotels komt en dat het totale openstaande bedrag van € 94.989,89 binnen acht dagen dient te zijn voldaan en dat bij niet tijdige betaling de invordering uit handen aan een incassobedrijf zal worden gegeven.
2.16.
Bij brief van 11 augustus 2023 is Bastion Holding door Ultimoo Incasso B.V. verzocht om binnen 5 dagen een bedrag van € 109.259,25 te voldoen, zijnde de openstaande hoofdsom van € 95.008,04 verhoogd met € 14.251,21 aan incassokosten.
2.17.
Bij vonnis van 7 augustus 2024 heeft de rechtbank Amsterdam in een door Videma geëntameerde procedure tegen Bastion Holding, waarin de in de vorige overweging genoemde bedragen werden gevorderd, overwogen dat Bastion Holding geen partij is bij de licentieovereenkomsten, in die zin dat zij gehouden is de factuur te voldoen. Partij zijn volgens de rechtbank de afzonderlijke Bastion Hotels. De tegen Bastion Holding ingestelde vorderingen van Videma zijn afgewezen. Videma heeft hoger beroep ingesteld tegen dit vonnis. Die procedure loopt op dit moment nog bij het gerechtshof.

3.Het geschil

3.1.
Videma vordert, na splitsing van de zaak en na gedeeltelijke intrekking, kort gezegd, veroordeling van:
  • Bastion Amsterdam Noord tot betaling van € 1.812,60,
  • Bastion Amsterdam Centrum tot betaling van € 2.408,05,
  • Bastion Weesp tot betaling van € 4.818,52,
één en ander vermeerderd met wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke kosten op grond van de licentievoorwaarden, met veroordeling van Bastion Hotels in de proceskosten.
3.2.
Videma legt aan haar vordering ten grondslag dat Bastion Hotels de factuur voor de licentievergoeding met betrekking tot het jaar 2023 niet binnen de gestelde betalingstermijn hebben voldaan. Op grond van de licentievoorwaarden zijn Bastion Hotels daarom het bruto tarief verschuldigd. Bastion Hotels hebben enkel het netto tarief betaald.
3.3.
Bastion Hotels hebben gemotiveerd verweer gevoerd tegen de vordering. Zij voeren onder meer aan dat Videma geen procesvolmacht heeft, dat de licentievoorwaarden niet van toepassing zijn en dat zij op tijd hebben betaald omdat de factuur geen fatale termijn kent, zodat voor verzuim een ingebrekestelling vereist is. De licentievergoedingen zijn in andere jaren altijd betaald, soms iets te laat maar nooit dusdanig laat. De boete, die louter winst voor Videma oplevert, dient te worden gematigd tot nihil.
3.4.
Op de (overige) stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Vooropgesteld wordt dat, ondanks ter zitting telkens is gesproken over de totale ‘korting’ van € 94.989,89 inclusief btw, in deze procedure uitsluitend de door Videma tegen deze drie afzonderlijke hotels ingestelde vorderingen ter beoordeling voorliggen.
4.2.
De kantonrechter volgt Videma niet in haar betoog dat het verschil tussen het bruto- en het netto tarief een voorwaardelijke korting is. Het is een boete gesteld op te late of niet vrijwillige betaling. De hoogte van deze boete – volgens het tarievenblad en de factuur 33,3%, doch feitelijk een stuk hoger, zoals hierna zal worden toegelicht – is aanzienlijk, ook vergeleken met de vertragingsvergoeding die uit de wet voortvloeit, zijnde de wettelijke handelsrente.
4.3.
Voor de beoordeling acht de kantonrechter van belang dat al sinds 2007 een handelsrelatie bestaat tussen Videma en Bastion, in die zin dat Bastion Hotels vertoners zijn van tv-signalen waarvoor een licentie van Videma benodigd is, die ook van Videma wordt afgenomen. Sinds 2012 gaat zoals het nu nog steeds gaat, dat wil zeggen feitelijk betaalt Bastion Holding, om praktische en administratieve redenen, jaarlijks de licentievergoeding voor de door de Bastion Hotels benodigde vertoningslicenties. De betaalde vergoeding is steeds het netto tarief geweest. Dat ging in al die jaren probleemloos. Gezien de langdurige relatie tussen partijen en het vertrouwen dat partijen hadden en mogen hebben in deze samenwerking en de verantwoordelijkheden die dit met zich brengt maakt dat de kantonrechter dit niet anders kan beoordelen dat de hotels gebonden zijn aan handelingen of het achterwege blijven daarvan van Bastion Hotels.
4.4.
Bastion Hotels betogen dat de licentievoorwaarden van Videma tegenover haar geen toepassing hebben. Dat verweer wordt niet gevolgd, maar zelfs als dat verweer zou worden gevolgd, maakt dat niet dat de boete geen onderdeel uitmaakt van de rechtsverhouding tussen partijen. Bastion Hotels betwisten immers niet dat zij licenties van Videma afnemen, waarvoor Bastion Holding steeds heeft betaald. Bastion Hotels erkennen dat het bedrag op de factuur het geldende tarief is dat zij dát tarief dienen te betalen voor de licentie. Op de factuur staat nadrukkelijk vermeld dat wat het netto-tarief is en wat de boete is als het factuurbedrag niet binnen de gestelde termijn wordt betaald. Dus ook als de licentievoorwaarden niet van toepassing zouden zijn op de rechtsverhouding tussen partijen, zoals Bastion Hotels betoogt maar wat niet is komen vast te staan, is de boete onderdeel van het tarief. Overigens wordt ook op de licentie zelf verwezen naar de tarievenregeling en de toepasselijkheid van de licentievoorwaarden, die op de achterzijde van de licentie staan gedrukt. De door Videma gehanteerde licentievoorwaarden zijn dan ook van toepassing.
4.5.
Niet in geschil is dat Bastion Holding voor de Bastion Hotels de licentievergoeding over 2023 niet binnen de door Videma gestelde betalingstermijnen (eerst in de factuur en later in de aanmaning) heeft betaald. Videma verlangde betaling voor 17 juli 2023, terwijl Bastion Holding heeft betaald op 1 augustus 2023. Daar zit ongeveer twee weken tussen. Hoewel niet onbegrijpelijk is dat er een bepaalde sanctie op niet tijdige betaling staat, staat de in rekening gebrachte vergoeding niet in redelijke verhouding tot de ernst van de tekortkoming.
4.6.
Of Videma wel of geen speelruimte zou hebben in het wel of niet in rekening brengen, dan wel matigen van de boete is voor het oordeel van de kantonrechter niet relevant.
4.7.
Nu de in rekening gebrachte vergoedingen vanwege een te late betaling van slechts twee weken niet in redelijke verhouding staan tot de mate en ernst van de tekortkoming, ziet de kantonrechter aanleiding gebruik te maken van zijn bevoegdheid de boete te matigen. Gelet op de hoogte van het aan alle hotels in rekening gebrachte netto tarief (€ 157.243,92 exclusief btw, € 190.265,14 inclusief btw) en de vermelde boete (€ 78.504,04 exclusief btw, € 94.989,89 inclusief btw), brengt Videma , anders dan zij in de tarievenregeling en de factuur aankondigt, een boete in rekening die neerkomt op 49,92% van het netto tarief.
4.8.
De kantonrechter acht een percentage van 10% van het netto tarief onder de gegeven omstandigheden een meer dan redelijke boete, in aanmerking nemend de omstandigheid dat het in rekening brengen van een boete voor Videma geen verplichting lijkt maar een mogelijkheid, alsmede de omstandigheden genoemd in overweging 4.3.
4.9.
De in overweging 3.1 genoemde bedragen die Videma vordert van deze drie hotels zijn gebaseerd op het aandeel van de betreffende hotels in de totale boete van € 94.989,89 inclusief btw. Hoewel Videma verwijst naar een per afzonderlijk hotel gespecificeerde factuur, kan de kantonrechter de aandelen van de hotels niet terugvinden in de processtukken. De huidige bedragen die per hotel worden gevorderd zijn als gezegd gebaseerd op een boete die neerkomt op net geen 50% van het netto-tarief, zoals uit het voorgaande is gebleken. Nu een boete van 10% onder de gegeven omstandigheden redelijk is te achten, wordt gemakshalve van de gevorderde bedragen per hotel, een vijfde deel daarvan toegewezen. De wettelijke handelsrente over die bedragen is toewijsbaar vanaf de gestelde datum van verzuim.
4.10.
De buitengerechtelijke kosten zijn toewijsbaar, met dien verstande dat 15% van de toegewezen bedragen aan hoofdsom aan buitengerechtelijke kosten wordt toegewezen.
4.11.
Partijen zijn over en weer gedeeltelijk in het ongelijk gesteld. Mede om die reden wordt aanleiding gezien de proceskosten te compenseren.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt Bastion Amsterdam Noord tot betaling aan Videma van:
- € 362,52 aan hoofdsom, te vermeerderen met wettelijke handelsrente vanaf 10 augustus 2023 tot de dag van de voldoening,
- € 54,37 aan buitengerechtelijke kosten,
5.2.
veroordeelt Bastion Amsterdam Centrum tot betaling aan Videma van:
- € 481,61 aan hoofdsom, te vermeerderen met wettelijke handelsrente vanaf 10 augustus 2023 tot de dag van de voldoening,
- € 72,24 aan buitengerechtelijke kosten,
5.3.
veroordeelt Bastion Weesp tot betaling aan Videma van:
- € 963,70 aan hoofdsom, te vermeerderen met wettelijke handelsrente vanaf 10 augustus 2023 tot de dag van de voldoening,
- € 144,55 aan buitengerechtelijke kosten,
5.4.
compenseert de proceskosten en bepaalt dat partijen hun eigen kosten dragen,
5.5.
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad,
5.6.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.H.J. Evers en in het bijzijn van mr. S. Homringhausen, griffier, in het openbaar uitgesproken op 4 december 2025.
991