ECLI:NL:RBAMS:2025:9845
Rechtbank Amsterdam
- Op tegenspraak
- M.R. Jöbsis
- R.D. Lok
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens niet tijdig terughalen van frauduleuze betaling door bank
Eiser heeft op 30 augustus 2019 een bedrag van €47.500 overgemaakt naar een Ierse bankrekening, die later bleek te behoren aan een oplichter. Eiser belde de bank om het geld terug te halen, waarna de bank op 2 september 2019 een SEPA Recall-verzoek naar de Ierse bank stuurde. Dit verzoek leidde niet tot terugbetaling omdat de oplichter het geld al had opgenomen.
Eiser stelde dat hij al op 31 augustus 2019 contact had opgenomen met de bank en dat de bank toen de betaling nog had kunnen blokkeren, omdat het bedrag nog onder haar beschikkingsmacht zou zijn. De bank betwistte dit en stelde dat de betaling direct op vrijdag was uitgevoerd en naar de clearinginstelling was verzonden, waardoor zij de betaling niet meer kon tegenhouden.
De rechtbank oordeelde dat de bank de betaling op zaterdag 31 augustus niet meer kon blokkeren omdat het bedrag feitelijk al uit haar beschikkingsmacht was. Ook een eerder SEPA Recall-verzoek zou niet tot een andere uitkomst hebben geleid, omdat de ontvangende bank pas na een maand reageerde. De vordering van eiser werd daarom afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiser af omdat de bank de betaling niet meer kon blokkeren en voldoende heeft gedaan om het geld terug te halen.