ECLI:NL:RBAMS:2026:1320
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek om toepassing Europese procedure voor geringe vorderingen afgewezen wegens niet-EU woonplaats eiser
In deze zaak heeft de eiser, woonachtig in Canada, een vordering ingesteld tegen Easyjet op grond van de Europese procedure voor geringe vorderingen (EPGV-Verordening). De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is, maar dat de EPGV-Verordening alleen van toepassing is op grensoverschrijdende zaken waarbij ten minste één partij in een EU-lidstaat woont.
Omdat de eiser in Canada woont, een niet-EU land, valt de zaak buiten het toepassingsgebied van de EPGV-Verordening. De kantonrechter wijst erop dat de verordening bedoeld is ter bevordering van de interne markt binnen de EU en dat een beroep hierop niet mogelijk is als een partij buiten de EU woont.
De eiser wordt in de gelegenheid gesteld om te reageren op deze constatering en te kiezen tussen het intrekken van de vordering of het voortzetten van de procedure via een Nederlandse dagvaardingsprocedure. De kantonrechter houdt iedere verdere beslissing aan totdat de eiser heeft gereageerd.
Uitkomst: De procedure op grond van de EPGV-Verordening wordt niet toegewezen omdat de eiser buiten de EU woont; de eiser krijgt gelegenheid tot reactie en de beslissing wordt aangehouden.