ECLI:NL:RBAMS:2026:1443

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
11 februari 2026
Publicatiedatum
11 februari 2026
Zaaknummer
13/217513-23
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 33 SrArt. 33a SrArt. 57 SrArt. 420bis SrArt. 1 Wet op de Kansspelen
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor organiseren illegale pokertoernooien en witwassen in Amsterdam

De rechtbank Amsterdam heeft op 11 februari 2026 een 32-jarige vrouw veroordeeld voor het organiseren van illegale pokertoernooien en witwassen. Uit politieonderzoek en camerabeelden bleek dat in de woning van verdachte in Amsterdam-Zuidoost tussen april en mei 2022 meerdere pokertoernooien werden georganiseerd zonder vergunning. De woning werd regelmatig bevoorraad en bezocht door diverse personen die langdurig verbleven.

Tijdens een inval op 26 mei 2022 werden tien personen aangehouden en werd een grote pokertafel aangetroffen met zeven spelers en een dealer. In een verborgen ruimte in een tafel werd 4300 euro gevonden, daarnaast had verdachte 400 euro in haar portemonnee. Verschillende aanwezigen verklaarden dat er om geld werd gespeeld. De Kansspelautoriteit bevestigde dat poker als kansspel geldt en dat alleen Holland Casino een vergunning heeft.

Verdachte ontkende betrokkenheid bij het organiseren van pokertoernooien en stelde dat het om incidentele spellen in besloten kring ging. De rechtbank verwierp deze verklaring op basis van de bewijzen en verklaringen van medeverdachten. Verdachte werd vrijgesproken van medeplegen, maar wel veroordeeld voor het bieden van gelegenheid tot illegale kansspelen en witwassen.

De rechtbank legde een taakstraf van 200 uur op, met een vervangende hechtenis van 100 dagen bij niet-naleving. Ook werden diverse geldbedragen en luxe goederen verbeurd verklaard. De straf houdt rekening met eerdere veroordelingen en de overschrijding van de redelijke termijn.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 200 uur taakstraf en 100 dagen vervangende hechtenis voor het organiseren van illegale pokertoernooien en witwassen.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Publiekrecht
Teams Strafrecht
Parketnummer: 13/217513-23
Datum uitspraak: 11 februari 2026
Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1993,
wonende op het adres [adres] , [woonplaats] .

1.Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 28 januari 2026.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. B.S. Selier en van wat verdachte en haar raadsvrouw mr. F. Tosun naar voren hebben gebracht.
Er wordt gelijktijdig vonnis gewezen in de zaak tegen medeverdachte [medeverdachte 1] (13/102139-22).

2.Tenlastelegging

Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat zij zich
te Amsterdamheeft schuldig gemaakt aan
1. medeplegen van het organiseren van illegale pokerspelen in de periode van 1 januari 2022 tot en met 26 mei 2022;
2. witwassen van € 4.726,90 op 26 mei 2022.
De volledige tenlastelegging is opgenomen in een
bijlagedie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

3.Voorvragen

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.
4. Waardering van het bewijs
4.1
Feiten en omstandigheden
De rechtbank gaat op grond van de wettige bewijsmiddelen van de volgende feiten en omstandigheden uit. [1]
In juni 2021 en februari en april 2022 komen er TCI- en MMA-meldingen bij de politie binnen dat er op [adres] meerdere avonden per week illegale pokerspelen worden georganiseerd. Uit GBA-informatie blijkt dat op het adres staan ingeschreven: [naam] en [verdachte] . [2]
Naar aanleiding van deze meldingen zijn er observaties gedaan door middel van een beveiligingscamera gericht op de woning. De beelden van 23 april 2022, 1 tot en met 3 mei 2022 en 5 mei 2022 zijn uitgekeken, waarbij is gebleken dat de woning dagelijks wordt bevoorraad met boodschappen en dat daarna de aanloop begint van personen die langdurig in de woning verblijven. De personen worden voor de deur van de woning opgewacht, binnen- en weer uitgelaten door een en dezelfde persoon. Deze persoon fungeert mogelijk als beveiliger of gastheer. [3]
Op de beelden van de avond en nacht van 1 op 2 mei 2022 is gezien dat om 22.00 uur de eerste persoon aanklopte bij de [adres] en dat op 2 mei 2022 om 03.28 uur de laatste persoon de woning betrad. In totaal hebben in dat tijdsbestek elf personen de woning betreden en hebben ook meerdere personen de woning weer verlaten. [4]
Op de beelden van 2 mei 2022 om 20.18 uur is te zien dat de eerste persoon (NN2) aanklopt en wordt binnengelaten. Tussen 20.27 en 21.04 uur verschijnen er negen personen, die allen door NN2 worden binnengelaten. Vanaf 21.00 uur wordt gezien dat 25 verschillende personen de woning betreden, die allen langdurig in de woning verblijven. NN2 ontvangt steeds de personen bij de voordeur. De verbalisanten verklaren dat dit patroon op 3, 4 en 5
(de rechtbank begrijpt: in de maand mei)eveneens te zien is. [5]
Op de beelden van 12 mei 2022 wordt gezien dat tussen 20.14 uur en 21.34 uur negen personen bij de woning aankomen. [6]
Op de beelden van 18 mei 2022 wordt verdachte herkend, die om 20.01 uur de woning verlaat met een boodschappenkar en om 20.30 uur terugkeert, in bijzijn van een man. Om 20.51 uur wordt gezien dat drie mannen samen de woning binnen gaan en om 20.58 uur betreden nog eens drie mannen de woning. Een halfuur later is de observatie gestaakt. [7]
Op de beelden van 26 mei 2022 is te zien dat om 18.45 uur twee personen, onder wie de medeverdachte [medeverdachte 1] , aan komen lopen en later beiden ook de woning weer verlaten. Medeverdachte heeft eerst nog iemand binnengelaten. Tussen 20.19 uur en 21.23 uur arriveerden er elf personen, die na aankloppen binnen werden gelaten. [8]
Op 26 mei 2022 werd er om 22.00 uur binnengetreden in de woning aan de [adres] . Daarbij werden tien personen aangehouden, onder wie verdachte, [9] die in de keuken werd aangetroffen. In de woonkamer stond een grote pokertafel waar enkele personen omheen zaten. [10] Er werden in de woning meerdere goederen in beslag genomen, waaronder een geldbedrag van € 400,00 in de portemonnee van verdachte. [11] In een verborgen ruimte in een tafel die in de keuken stond, werd € 4.300,00 aangetroffen. Dit bedrag werd in beslag genomen. De verborgen ruimte was bereikbaar via een blanco pasje dat tegen de tafel aan gehouden moest worden, waarna de tafel opende. Het blanco pasje dat toegang gaf tot de verborgen ruimte, werd in een tas in de slaapkamer aangetroffen, waarin ook het paspoort van verdachte zat. [12]
De overige aangehouden personen zijn verhoord. Vijf van hen hebben verklaard dat ze hebben deelgenomen aan de aangeboden pokerspelen. [13] Ze verklaarden allen voor geld te spelen. Medeverdachte [medeverdachte 2] verklaarde een keer of tien in de woning op het adres te zijn geweest om deel te nemen aan een pokertoernooi. [14] Hij had € 2.800,00 op zak. [15] Medeverdachte [medeverdachte 3] had € 2.510,00 bij zich. [16] Bij medeverdachte [medeverdachte 4] is € 5.805,00 aangetroffen. [17] Medeverdachte [medeverdachte 5] had € 1.200,00 op zak. [18] Drie andere in de woning aangehouden verdachten hadden enkele honderden euro’s bij zich. Verschillende medeverdachten hebben verklaard dat zij via SMS, WhatsApp of Telegram op de hoogte kwamen van het toernooi en een aantal hebben verklaard de andere deelnemers niet te kennen. [19]
De in de woning aangetroffen situatie is beoordeeld door een toezichthouder van de Kansspelautoriteit. [20] Hij heeft de pokertafel, de zeven afzonderlijke spelersplaatsen en de dealerplaats beoordeeld. [21] Op basis van zijn bevindingen heeft hij geconcludeerd dat kort voor het moment van binnentreden zeven personen deelnamen aan een pokerspel en dat er sprake was van een dealer in het spel. Op grond van een arrest van de Hoge Raad van 3 maart 1998 wordt poker als een kansspel aangemerkt en door de Kansspelautoriteit is enkel aan Holland Casino een vergunning verleend voor het aanbieden van casinospelen, waar poker onder valt. De in de woning aan [adres] aangetroffen situatie is dus in strijd met de Wet op de kansspelen. [22]
4.2
Het standpunt van het Openbaar Ministerie
De officier van justitie heeft – onder verwijzing naar het schriftelijk requisitoir – gerekwireerd tot bewezenverklaring van alle ten laste gelegde feiten.
4.3
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft integrale vrijspraak bepleit.
Ten aanzien van feit 1 heeft de raadsvrouw het volgende aangevoerd. Verdachte ontkent betrokken te zijn bij een organisatie die pokertoernooien organiseert dan wel zelf pokertoernooien te organiseren. Op het adres [adres] is het bedrijf ‘ [naam bedrijf] ’ ingeschreven, een kookbedrijf dat verdachte toentertijd aan het opzetten was. Verdachte verklaart dat zij vaak feestjes geeft, waarbij de gasten haar recepten proeven. Alleen op 26 mei 2022 is er in besloten kring tussen vrienden een pokerspel gespeeld. Verdachte heeft niet meegekregen dat er om geld werd gespeeld, want zij stond in de keuken van de woning. De pokertafel was een opdektafel, die gemakkelijk kon worden omgezet naar een normale eettafel. De aanwezige boven de tafel aangebrachte afzuigingpijp / slang was bedoeld voor de afvoer van kooklucht. Nu niet kan worden vastgesteld dat er sprake is van een structurele, publiek toegankelijke pokerorganisatie, laat staan dat verdachte een rol in een dergelijke organisatie zou hebben gespeeld, dient verdachte te worden vrijgesproken.
Subsidiair, als toch geconcludeerd zou worden dat verdachte haar woning beschikbaar heeft gesteld voor illegale pokertoernooien, dient zij alsnog te worden vrijgesproken. Die rol is van onvoldoende gewicht om tot medeplegen te komen en duidt eerder op medeplichtigheid, hetgeen niet is ten laste gelegd.
Meer subsidiair, als medeplegen toch bewezen wordt geacht, kan niet de gehele ten laste gelegde periode worden bewezen.
Ten aanzien van feit 2 heeft verdachte verklaard niet op de hoogte te zijn geweest dat er zich geld in de verborgen ruimte bevond. De verborgen ruimte was ook toegankelijk met andere elektronische passen. Meerdere mensen kwamen op de locatie en hadden kennelijk toegang tot de verborgen ruimte. Onder die omstandigheden ontbreekt het wettig bewijs voor het voorhanden hebben en de wetenschap dan wel de vermoedens met betrekking tot de criminele herkomst van het geld.
4.4
Het oordeel van de rechtbank
4.4.1
Het oordeel over het onder feit 1 ten laste gelegde
De rechtbank acht bewezen dat verdachte zich in de periode van 23 april 2022 tot en met 26 mei 2022 heeft schuldig gemaakt aan overtreding van de Wet op de kansspelen. Zij overweegt hiertoe als volgt.
Op basis van de aangetroffen situatie op 26 mei 2022, de beoordeling daarvan door de toezichthouder van de Kansspelautoriteit en de verklaringen van de in de woning aangetroffen medeverdachten, kan worden vastgesteld dat er op die datum een pokerspel werd gespeeld. Ook kan worden vastgesteld dat er op die datum om geld werd gespeeld.
De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 3 maart 1998 (ECLI:NL:HR:1998:ZD0952) geoordeeld dat poker als een kansspel aangemerkt moet worden. Voor het aanbieden van poker is uitsluitend een vergunning verleend aan Holland Casino. Het pand van verdachte is geen vestiging van Holland Casino. De rechtbank acht op grond hiervan bewezen dat er op 26 mei 2022 sprake was van het zonder vergunning organiseren van een kansspel.
Uit de observaties vanaf 23 april 2022 – die de gedetailleerde MMA-melding van 19 april 2022 ondersteunen – leidt de rechtbank af dat in ieder geval vanaf die datum al pokertoernooien werden georganiseerd in de woning van verdachte. Tijdens de observaties is gezien dat het huis bevoorraad wordt, waarna in de avond- en nachtelijke uren meerdere personen de woning betreden en verlaten en daar ook langer blijven. Op de beelden van 18 mei 2022 is verdachte herkend en is gezien dat zij de woning verlaat met een boodschappenkar en even later weer betreedt. Daarna betreden enkele mannen de woning. Verder heeft medeverdachte [medeverdachte 2] verklaard dat hij een keer of tien in de woning is geweest om deel te nemen aan pokerspelen.
De verklaring van verdachte dat het ging om een incidenteel pokerspel in besloten kring tussen haar vele vrienden wordt niet ondersteund door andere bevindingen in het dossier. Meerdere medeverdachten hebben bovendien verklaard de andere deelnemers aan het pokerspel niet te kennen hetgeen haar verklaring ook onaannemelijk maakt.
Op vragen van de rechtbank omtrent de pokertafel, hoe en wanneer die in de woning stond en aanverwante vragen heeft de verdachte geen verklaring willen afleggen.
Tegen deze achtergrond is de rechtbank van oordeel dat verdachte die illegale pokerspelen heeft georganiseerd. Zij stond ingeschreven in de woning waar de pokerspelen werden georganiseerd en was aanwezig ten tijde van de inval. Bovendien is het pasje dat toegang gaf tot de tafel met de verborgen ruimte in een tas met daarin haar paspoort aangetroffen. De rechtbank gaat er vanuit dat deze gelden afkomstig zijn van de illegale pokertoernooien, zoals zij in rubriek 4.4.2 nader uiteen zal zetten. Gelet op al het voorgaande acht de rechtbank bewezen dat verdachte opzettelijk gelegenheid heeft gegeven aan personen uit het publiek om door midden van het kansspel poker mede te dingen naar prijzen en/of premies.
Vrijspraak medeplegen
De rechtbank ziet onvoldoende aanknopingspunten om vast te stellen dat verdachte bij het plegen van de feiten nauw en bewust heeft samengewerkt met een ander. Zij zal verdachte dan ook partieel vrijspreken van medeplegen.
4.4.2
Het oordeel over het onder feit 2 ten laste gelegde
In de vorige rubriek heeft de rechtbank geconcludeerd dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het organiseren van illegale pokertoernooien in haar woning. Dat er grote geldbedragen in de toernooien kan worden afgeleid uit de omstandigheid dat bij meerdere aangetroffen deelnemers aanzienlijke geldbedragen zijn aangetroffen. Dit past ook in de MMA-melding van 19 april 2022. In de woning is in een verborgen ruimte in een tafel waartoe verdachte middels een pasje toegang had, een geldbedrag van € 4.300,00 aangetroffen. Daarnaast is in de portemonnee van verdachte nog € 400,00 aangetroffen en is onder haar nog een bedrag van € 26,90 in beslag genomen.
De nauwelijks onderbouwde verklaring van verdachte dat zij geen weet had van het geldbedrag in de tafel, acht de rechtbank niet geloofwaardig, nu zij stond ingeschreven in de woning en in een tas met haar paspoort een pasje dat toegang gaf tot de tafel is aangetroffen. De verklaring van verdachte dat meerdere mensen over een pasje beschikten en dat er meerdere pasjes in het huis lagen, wordt niet door de bevindingen in het dossier ondersteund.
Gelet op al het voorgaande, acht de rechtbank bewezen dat verdachte geldbedragen voorhanden heeft gehad, die onmiddellijk afkomstig waren uit eigen misdrijf (te weten het organiseren van de illegale pokerspelen).

5.Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de in rubriek 4 vervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte
1
in de periode van 23 april 2022 tot en met 26 mei 2022 te Amsterdam, in een perceel aan de [adres] , meermalen, opzettelijk gelegenheid heeft gegeven aan (personen uit) het publiek om door middel van het kansspel poker - zijnde in art. 4 lid 1 onder Pro j en/of onder k Beschikking casinospelen 1996 aangewezen als casinospel en daarmee als kansspel -, mede te dingen naar prijzen en/of premies, waarbij de aanwijzing der winnaar(s) geschiedde door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed konden uitoefenen, zulks terwijl daarvoor telkens geen vergunning ingevolge de Wet op de kansspelen was verleend;
2
op 26 mei 2022, te Amsterdam, een geldbedrag met een totale waarde van ongeveer 4726,90 euro voorhanden heeft gehad terwijl zij, verdachte, wist dat dat voorwerp onmiddellijk afkomstig was uit enig eigen misdrijf.

6.De strafbaarheid van de feiten

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

7.De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8.Motivering van de straffen en maatregelen

8.1.
De eis van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor de door hem onder 1 en 2 bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een taakstraf van 200 uren, met bevel, voor het geval dat verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 100 dagen.
8.2.
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft verzocht om in de strafmaat rekening te houden met de forse overschrijding van de redelijke termijn en met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Zo is zij niet eerder voor soortgelijke feiten veroordeeld, heeft zij haar leven goed op orde en heeft zij net een bedrijf opgestart. De raadsvrouw verzoekt de rechtbank om te volstaan met een taakstraf van 200 uur, waarvan eventueel een deel voorwaardelijk.
8.3.
Het oordeel van de rechtbank
De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.
De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het bieden van gelegenheid voor het organiseren van illegale pokertoernooien. Het illegaal organiseren van pokertoernooien betekent dat de daarvoor noodzakelijk toezicht ontbreekt, waardoor deelnemers blootstaan aan gokverslaving en de mogelijkheid ontstaat om bijvoorbeeld geld wit te wassen. Verdachte heeft zich ook schuldig gemaakt aan witwassen. Witwassen is een ernstig feit, omdat het een bedreiging vormt voor de legale economie en het de integriteit van het financiële en economische verkeer aantast.
De rechtbank heeft acht geslagen op het Uittreksel Justitiële Documentatie (het strafblad) van verdachte van 28 november 2025. Hieruit blijkt dat verdachte in september 2025 is veroordeeld voor Opiumwetfeiten. Artikel 63 Wetboek Pro van Strafrecht is dus van toepassing.
Ook heeft de rechtbank kennisgenomen van het reclasseringsadvies van 10 februari 2025, dat is opgemaakt in een andere zaak. Er werd toen geen aanleiding gezien om toezicht aan verdachte op te leggen.
Er zijn geen landelijke oriëntatiepunten voor straftoemeting beschikbaar ten aanzien van overtreding van de Wet op de Kanspelen en witwassen. Gelet op strafopleggingen in vergelijkbare zaken vindt de rechtbank een taakstraf van 240 uur in beginsel passend. De rechtbank houdt echter rekening met de overschrijding van de redelijke termijn (21 maanden), de samenloop van de feiten en artikel 63 Sr Pro. Alles afwegend acht de rechtbank de door de officier van justitie gevorderde straf passend en geboden en legt aan verdachte een taakstraf op van 200 uren, subsidiair 100 dagen hechtenis, met aftrek van het voorarrest.

9.Beslag

Onder verdachte zijn de volgende voorwerpen in beslag genomen:
- een geldbedrag ter hoogte van € 400,00 (goednummer G6191572);
- een geldbedrag ter hoogte van € 4.300,00 (goednummer G6191577);
- een geldbedrag ter hoogte van € 26,90 (goednummer G6191961);
- een Rolex-horloge (goednummer 6191570);
- Nike Air Dior schoenen (goednummer 6191574).
Verbeurdverklaring
De voorwerpen behoren aan verdachte toe. Zij kan deze voorwerpen geheel of ten dele ten eigen bate aanwenden. Nu deze voorwerpen geheel of grotendeels door middel van of uit de baten van het onder feit 1 bewezen geachte zijn verkregen, worden deze voorwerpen verbeurdverklaard.
Teruggave aan verdachte
Voor zover er nog beslag rust op het Rolex-horloge en de Nike Air Dior schoenen, zullen zij worden teruggegeven aan verdachte. Het beslag dient niet langer een strafvorderlijk doel.

10.Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straffen zijn gegrond op de artikelen:
- 33, 33 a, 57 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht;
- 1 en 36 van de Wet op de Kansspelen;
- 1, 2 en 6 Wet op de economische delicten.

11.Beslissing

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.
Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in
rubriek 5is vermeld.
Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.
Het bewezen verklaarde levert op:
Ten aanzien van feit 1:
opzettelijke overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 1, eerste lid, onder a, van de Wet op de Kansspelen, meermalen gepleegd
Ten aanzien van feit 2:
eenvoudig witwassen
Verklaart het bewezene strafbaar.
Verklaart verdachte,
[verdachte], daarvoor strafbaar.
Veroordeelt verdachte tot een
taakstrafvan
200 (tweehonderd) uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat
vervangende hechteniszal worden toegepast van
100 (honderd) dagen, met bevel dat de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in is doorgebracht, bij de uitvoering van deze straf geheel in mindering zal worden gebracht naar de maatstaf van 2 (twee) uren per dag.
Verklaart verbeurd:
- een geldbedrag ter hoogte van € 400,00 (goednummer G6191572);
- een geldbedrag ter hoogte van € 4.300,00 (goednummer G6191577);
- een geldbedrag ter hoogte van € 26,90 (goednummer G6191961).
Gelast de
teruggaveaan
[verdachte]van:
- een Rolex-horloge (goednummer 6191570);
- Nike Air Dior schoenen (goednummer 6191574).
Dit vonnis is gewezen door
mr. C. Klomp, voorzitter,
mrs. E. Biçer en J. Langer, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. E. Willeboer, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 11 februari 2026.

Voetnoten

1.Voor zover niet anders vermeld, wordt in de hierna volgende voetnoten telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.
2.Pv van verdenking van 21 april 2022, p. 009 onderste helft.
3.Proces-verbaal van bevindingen van 13 mei 2022, p. 015 tweede alinea e.v.
4.Proces-verbaal van bevindingen, p. 016 eerste alinea, p. 017 tweede alinea e.v.
5.Proces-verbaal van bevindingen, p. 026 eerste en tweede alinea, p. 034.
6.Proces-verbaal van bevindingen, p. 035 eerste alinea, zevende alinea e.v.
7.Proces-verbaal van bevindingen, p. 041 eerste, tweede, vierde alinea e.v.
8.Proces-verbaal van bevindingen van 27 mei 2022, p. 058 eerste, derde en vierde alinea, zevende alinea e.v. en p. 059 eerste tot en met derde alinea.
9.Proces-verbaal van bevindingen van 28 mei 2022, p. 075 vierde, vijfde, zevende tot en met negende alinea.
10.Proces-verbaal van bevindingen van 27 mei 2022, p. 176 eerste en tweede alinea.
11.Proces-verbaal van bevindingen van 28 mei 2022, p. 075 vierde en vijfde alinea en p. 076 vierde alinea.
12.Proces-verbaal van bevindingen van 27 mei 2022, p. 091.
13.Proces verbaal van verhoor, p. 099 eerste alinea ; proces-verbaal van verhoor, p. 111 eerste alinea ; proces-verbaal van verhoor p. 131 eerste alinea ; proces-verbaal van verhoor verdachte van 27 mei 2022, p. 271 achtste en laatste alinea en p. 272 eerste en vijfde alinea ; proces-verbaal van verhoor van 27 mei 2022, p. 302 laatste alinea en p. 303 derde alinea.
14.Proces-verbaal van verhoor van 27 mei 2022, p. 272 derde alinea.
15.Een geschrift, te weten een kennisgeving van inbeslagneming van 27 mei 2022, p. 276.
16.Een geschrift, te weten een kennisgeving van inbeslagneming van 26 mei 2022, p. 292.
17.Een geschrift, te weten een kennisgeving van inbeslagneming van 26 mei 2022, p. 310.
18.Een geschrift, te weten een controleformulier, p. 097.
19.Proces-verbaal van verhoor, p. 099 tweede alinea ; proces-verbaal van verhoor, p. 111 tweede alinea ; Proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 272 laatste alinea ; proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 303 elfde en twaalfde alinea en p. 304 eerste alinea.
20.Proces-verbaal van bevindingen beoordeling overtreding Wet op de kansspelen van 3 juni 2022, p. 00004, onder 2 en 4.
21.Proces-verbaal van bevindingen beoordeling overtreding Wet op de kansspelen van 3 juni 2022, p. 00004, onder 4.1.
22.Proces-verbaal van bevindingen beoordeling overtreding Wet op de kansspelen van 3 juni 2022, p. 00004, onder 5.